Klikzink

Kabeldoorvoer bij een carport of overkapping

Een felsbaan met geïntegreerde zonnecellen levert stroom uit het dakvlak zelf, zonder dat er voor de opwekking geboord of geschroefd wordt. Maar de stroom moet wel van het dak naar de plek waar hij gebruikt wordt, en daarvoor is één doorvoer nodig door de dakplaat. Bij een huis ligt die doorvoer vaak vlak bij de meterkast, met een korte kabel door een geïsoleerde wand. Bij een carport of overkapping ligt dat anders, en dat verschil is de moeite van het uitleggen waard.

Een carport heeft geen gebouw eromheen. Er is geen spouw, geen isolatielaag en meestal geen zolderruimte waar een kabel ongezien doorheen kan. Wat er wel is: een paar stalen of houten kolommen, een dakvlak van felsbanen en, ergens op het erf, een meterkast of een schuur waar de kabel naartoe moet. De afstand die de kabel aflegt is bij een carport dus vaak groter dan bij een dak op een woning, en die afstand ligt bovendien in het zicht, tegen een kolom of onder een dakrand, in plaats van verstopt in een spouwmuur.

Waar de doorvoer zit

De doorvoer door de dakplaat zelf komt bij voorkeur op één punt, meestal bij de nokgording of vlak onder de nok. Dat is niet toevallig: op die plek loopt het water vanzelf naar twee kanten weg, in plaats van naar de doorvoer toe. Een gat halverwege een dakvlak, op een plek waar water blijft staan of langsstroomt, is een risico dat je met een beetje planning helemaal niet hoeft te nemen. Bij de nok, of in een bestaande doorvoer die er sowieso al is voor een hemelwaterafvoer of een ventilatiekanaal, hoort de kabel dus het liefst thuis.

Dat uitgangspunt geldt voor elk gebouw met een hellend dak, maar bij een carport is het net iets belangrijker dan bij een woning. Op een woning zit de doorvoer namelijk vaak toch al ergens weggewerkt onder een dakkapel of in een technische ruimte. Bij een carport is er niets om achter weg te schuilen: het gat door de plaat is zichtbaar, en de kabel die aan de onderzijde verderloopt langs een kolom is dat ook. Een nette, doordachte plek voor de doorvoer bepaalt dus mee hoe de carport eruitziet, niet alleen of hij droog blijft.

Eén doorvoer is voor een carport ook praktischer dan meerdere. Elke extra doorvoer is een extra afdichting, en een extra afdichting is een extra plek die na jaren gecontroleerd moet worden. Bij een carport, waar niemand dagelijks op het dak rondloopt om dat te checken, is minder beter. De felsbanen zelf hebben voor de opwekking geen doorvoer nodig, zoals wij uitleggen bij [hoe de stroom naar binnen komt](/dakstroom/carport/stroom-naar-binnen); het gaat hier puur om het punt waar de bekabeling van de achterzijde van de banen naar buiten de plaat verlaat, richting de omvormer of de meterkast.

Hoe hij dicht blijft

De afdichting van de doorvoer werkt met een doorvoertule of een insteekmof die om de kabel sluit en die aan de plaat is gekoppeld met een sluitring en een kit- of rubberafdichting, dezelfde manier waarop ook een hemelwaterafvoer of een antenneleiding door een stalen dakplaat wordt gevoerd. Bij een gefelste plaat komt dat detail bij voorkeur in het vlak van een baan, niet in de fels zelf, zodat de klemverbinding van de fels intact blijft en de doorvoer een op zichzelf staand, controleerbaar punt is.

Bij een carport zonder onderconstructie eronder is er nog iets om rekening mee te houden: er is geen buitenblad, geen tweede laag die meelekt als de eerste faalt. Bij een woning met een geïsoleerd dak vormt de onderconstructie een tweede verdedigingslijn als er ooit een klein lek ontstaat, water dat via een dampopen folie alsnog wordt afgevoerd voordat het binnenkomt. Bij een carport, waar de dakplaat vaak de enige laag is, moet die eerste afdichting het gewoon houden. Dat is precies waarom het aantal doorvoeren zo laag mogelijk moet blijven en waarom de plek ervan met zorg gekozen wordt: één goed uitgevoerde doorvoer op de juiste plek is betrouwbaarder dan drie kleinere op plekken die net iets minder ideaal zijn.

Waar dat verschilt van een dak met paneel

Bij een carport met gewone panelen op beugels ligt de situatie net anders. Daar loopt de kabel van elk paneel, of van een groepje panelen, via een DC-stekkerverbinding naar een verdeeldoos die meestal onder het dak aan een kolom hangt, zichtbaar of in een kabelgoot wegwerkt. Die kabels lopen over het dakvlak zelf, tussen de panelen en de beugels door, voordat ze de dakplaat bereiken. Dat betekent meerdere kabeltrajecten op het dak en vaak ook een paar extra doorvoeren of wandbeugels om alles netjes langs een kolom naar beneden te leiden.

Bij een felsbaan met geïntegreerde cellen ligt de bekabeling tussen de banen zelf, onder het dakvlak, zonder dat er iets over de buitenkant van het dak loopt. Alle stroom van de banen komt samen op één punt voordat die het dak verlaat. Voor een carport betekent dat een opgeruimder aanzicht: geen kabelbundels die langs een kolom omlaag hangen, geen zichtbare verdeeldoos tegen het plafond van de overkapping, maar één punt bij de nok waar alles samenkomt en de doorvoer naar buiten gaat.

De kabel na de doorvoer

Wat er na de doorvoer gebeurt, hangt af van hoe de carport gebruikt wordt. Bij een carport die vooral bedoeld is om de auto te laden, gaat de kabel vanaf de doorvoer meestal rechtstreeks naar een laadpunt aan een van de kolommen of naar de meterkast van de woning, als die dichtbij genoeg staat. Dat is een praktische reden waarom veel opdrachtgevers voor een carport met geïntegreerde opwekking kiezen in combinatie met een laadpaal: de stroom wordt op het dak gemaakt en meteen, met een kort tracé, gebruikt op de plek waar de auto staat. Hoe lang dat tracé mag zijn en waar de omvormer in die keten past, bepaalt mee hoeveel spanningsverlies er optreedt en welke kabeldikte nodig is; dat rekenen we uit op de tekening van het specifieke gebouw, en dat verschilt per situatie te veel om hier een vast getal voor te geven.

Bij een carport die los van een laadpaal staat, ligt de kabel vanaf de doorvoer vaak in de grond, in een mantelbuis naar de meterkast van het hoofdgebouw. Ook dat tracé is meestal langer dan bij een woning met dak, simpelweg omdat de carport op enige afstand van de voordeur of de meterkast staat. Die extra lengte is geen probleem voor de werking van het systeem, maar het is wel iets om vooraf in te tekenen: een gravende aannemer wil van tevoren weten waar de mantelbuis moet liggen, niet achteraf een sleuf opnieuw opengraven omdat de doorvoer op een andere plek in de dakplaat is gekomen dan gepland.

Wat dit betekent voor de planning

Omdat er bij een carport geen bestaande installatie is om op aan te sluiten, zoals bij een verbouwing van een woning waar de meterkast er al staat, is de kabeldoorvoer bij een nieuwe carport een onderdeel dat vooraf op tekening wordt vastgelegd, samen met de plek van de omvormer en de looprichting van de kabel naar de laadpaal of de meterkast. Dat voorkomt dat de doorvoer achteraf op een minder gunstige plek in het dakvlak komt, ver van de nok of juist boven een plek waar water samenkomt.

Of een carport met geïntegreerde opwekking de juiste keuze is, hangt af van het moment: bij een carport die er al staat en die alleen van panelen voorzien moet worden, is een gewoon paneel op beugels vaak eenvoudiger en goedkoper. Deze oplossing loont vooral wanneer het dak van de carport nog gebouwd moet worden, zodat de dakplaat en de opwekking in één keer worden neergezet en er, afgezien van die ene doorvoer bij de nok, geen tweede systeem bovenop komt. Wij denken op tekening mee over waar die doorvoer het beste komt, zonder kosten en zonder verplichting.

KKlikzink
Pagina'sSolarfels: felsplaten met de zonnecellen erinDiensten voor solarfels: van tekening tot dakOver ons: waarom wij de cellen in de baan zettenContact over solarfels op uw dakvlakDetailsHoe het werktSpecificatiesOpbrengstVergelijkenProjectenBlogPrivacyverklaring solarfels.com
Contact
Adres
© Klikzink