Klikzink
Een garagebedrijf heeft een dak dat veel te verduren krijgt. Een hijskraan die te dicht langs de gevel werkt, een ladder die tegen de dakrand wordt gezet bij onderhoud aan de gevelreclame, een steen die vanaf een hoger gelegen vlak wegschiet bij het schoonmaken van de dakgoot. Op een gewoon dak is dat een deuk of een kras. Op dit dak zit in dat vlak ook de opwekking, en dan is de eerste vraag die iedereen stelt: wat gebeurt er dan met de rest.
De felsbanen met cellen zijn met elkaar verbonden in een string, net zoals bij paneelvelden op een plat dak. Raakt één baan beschadigd, dan valt in de regel die string uit, niet het hele dakvlak. Hoe het dakvlak van een garagebedrijf is opgedeeld in strings, hangt af van de oriëntatie en de grootte van het dak. Een showroomdak dat in twee richtingen afloopt heeft vaak al twee of meer strings, gewoon omdat de zon er anders op staat. Een werkplaatsdak dat als één groot vlak naar het zuiden ligt, kan met minder strings uit de voeten. Wij bepalen die verdeling op tekening, en dat is ook het moment waarop we aangeven wat een beschadiging in het slechtste geval aan opwekking kost. Dat is dus geen vast percentage dat we hier kunnen noemen; het verschilt per dak.
De schade aan de opwekking en de schade aan de waterdichtheid zijn twee verschillende dingen, en dat is precies waarom dit systeem anders werkt dan panelen die los op een dak liggen. Bij een paneel op beugels kan het paneel kapot zijn terwijl het dak daaronder gewoon droog blijft, want het paneel ligt er los boven. Bij een felsbaan met cellen erin is de cel onderdeel van de plaat. Gaat de plaat stuk, dan is in principe ook de waterdichtheid van die baan aangetast, net zoals bij een gewone felsbaan zonder cellen die een deuk of scheur heeft. Het verschil met een gewoon dak is dus niet dat hier meer risico is op lekkage; het verschil is dat je bij vervanging ook de bekabeling van die baan moet losnemen. Bij een werkplaats waar onder het dak apparatuur staat die niet tegen water kan, een lasrobot, een bandenwisselstraat, een smeerput met elektronica, is dat precies de reden om een beschadigde baan niet te laten liggen tot de volgende onderhoudsronde.
Omdat de banen mechanisch aan elkaar gekoppeld zijn via de fels, is een enkele baan vervangen geen kwestie van één schroef losdraaien. De felsverbinding met de buurbanen moet open, de bekabeling van die baan moet los, en de nieuwe baan moet weer op maat gewalst en aangesloten worden. Dat is geen werk voor een dakdekker die toevallig langsrijdt; dat vraagt iemand die weet hoe de fels en de bekabeling van dit systeem samen werken. Voor een garagebedrijf betekent dat concreet: je regelt vervanging via ons of via een monteur die met dit systeem werkt, niet via de eerste de beste dakreparatie-dienst. Dat is iets om vooraf te weten, niet iets om achter te komen op het moment dat er een steiger nodig is en de werkplaats eronder gewoon door moet draaien.
Een garagebedrijf verbruikt vooral overdag: heftrucks die opladen, compressoren die draaien, verlichting in de werkplaats, en steeds vaker een paar laadpalen op het terrein voor het wagenpark of voor klanten. Dat overdagverbruik is precies het moment waarop het dak stroom levert, en het is ook de reden waarom uitval van één string in de praktijk het meest opvalt op een zonnige werkdag, niet in het weekend. Bij een dak boven een werkplaats zit de aansluiting van de bekabeling naar binnen vaak op een plek die niet vanzelfsprekend bij de hand is: boven een hijsbaan, boven een smeerput, boven een ruimte met veel andere leidingen en kabels al aan het plafond. Dat maakt het des te belangrijker dat de indeling in strings vooraf goed doordacht is, zodat een beschadiging aan één baan niet toevallig ook de bekabeling raakt die naar de laadpalen of naar een ander deel van het dak loopt. Dat is precies het soort keuze die we op tekening maken, aan de hand van waar de meterkast zit, waar de laadpalen komen en hoe de werkplaats is ingedeeld.
Hoeveel het kost om één baan te vervangen, in tijd en in geld, hangt af van waar op het dak de baan ligt, hoe goed bereikbaar het dakvlak is en hoeveel banen ertussen moeten om bij de beschadigde baan te komen. Een baan onderin, dicht bij de dakrand, is anders te bereiken dan een baan hoog op de nok van een werkplaatsdak. Wij noemen hier geen bedrag, want dat verschilt per dak en per situatie, maar we rekenen het wel uit zodra we weten om welk dakvlak het gaat en waar de beschadiging zich bevindt.
Dit systeem loont het meest wanneer het dak van het garagebedrijf toch al aan vervanging toe is, of wanneer er nieuw gebouwd wordt. Dan betaal je in één keer voor het dak en voor de opwekking samen, in plaats van eerst een dak neer te leggen en er later panelen op te zetten. Staat het huidige dak er nog goed bij en is er vooral behoefte aan meer opwekking, dan is een gewoon paneel op beugels vaak de logischere stap: sneller te plaatsen, en niet gekoppeld aan de levensduur van de dakbedekking. Wat er precies aan onderhoud, schoonmaak en bekabeling bij dit systeem hoort, staat op de andere pagina's van deze site; hier ging het alleen om de vraag wat er gebeurt als een baan het begeeft.
Of het voor een specifiek garagebedrijf verstandig is om voor felsbanen met geïntegreerde cellen te kiezen, en hoe de strings dan het beste verdeeld worden over het dak, bepalen we aan de hand van de tekening van dat dak: de vorm, de oriëntatie, de plek van de meterkast en de laadpalen, en de staat van de bestaande dakbedekking. Stuur die tekening naar Klikzink in Ede en we rekenen het door, zonder dat daar kosten aan verbonden zijn.