Klikzink

Kabeldoorvoer bij een twee-onder-een-kapwoning

Een felsdak met geïntegreerde zonnecellen kent, per gebouwdeel, maar één opening in de dakbedekking: de plek waar de kabel van de opgewekte stroom het dak verlaat en naar de meterkast gaat. Alle andere verbindingen liggen onder de banen, onder de fels, verscholen in het dakvlak zelf. Dat is het punt waarop dit anders werkt dan bij paneelvelden die op een dak worden gelegd, waar per string of per omvormer meerdere doorvoeren nodig kunnen zijn, elk met een eigen kap, een eigen afdichting en een eigen risico op een lekkage die pas na een paar jaar merkbaar wordt.

Bij een twee-onder-een-kapwoning is er in de praktijk niet één dak, maar twee daken die aan elkaar grenzen en er als één doorlopend vlak uitzien. De felsbanen lopen door over de kap, van de ene woning naar de andere, zonder dat er in het dakvlak een zichtbare grens te zien is. Dat is precies waarom de scheiding tussen de twee delen hier de eerste vraag is, eerder nog dan de vraag waar de kabel het dak verlaat. Wie is eigenaar van welk deel van het dakvlak, wie vervangt zijn helft wanneer, en wat gebeurt er met de opwekking van de buren als dat niet gelijktijdig gebeurt: dat leggen wij voor de start van het werk vast op tekening, per baan, zodat er nooit onduidelijkheid is over waar de ene eigendom overgaat in de andere.

De kabeldoorvoer zelf zit bij voorkeur onder de nok. Dat is de plek waar de banen van beide dakvlakken samenkomen, waar het water het laatst hoeft te worden weggeleid en waar een bestaande doorvoer, zoals die van een ventilatiekanaal of een loden slab, vaak al aanwezig is. Een bestaande opening in het dak hergebruiken is altijd te verkiezen boven een nieuwe: elke doorvoer die je niet maakt, is een naad die je niet hoeft af te dichten. Bij een dak dat we vanaf de fabriek op maat leveren, wordt die locatie vooraf bepaald, zodat de doorvoer op de bouwplaats wachten is op een felsbaan die er al op is voorbereid, in plaats van een gat dat achteraf in een afgewerkt dak gezaagd moet worden.

Onder de nok werkt ook goed omdat de doorvoer daar het minst wordt belast door lopend water. Op een hellend dak zoekt regenwater de kortste weg naar de goot, en elke opening die in het midden van een dakvlak zit, ligt in de route van dat water. Onder de nok, of in een bestaande doorvoer die daar al ligt, ligt de kabel juist buiten die route. Dat is een klein verschil op de tekening, maar het is het verschil tussen een doorvoer die na twintig jaar nog droog is en een doorvoer die als eerste plek in het dak aandacht nodig heeft.

De afdichting zelf gebeurt met een gesoldeerde of gelaste manchet die om de kabel sluit en aan de felsbaan wordt vastgemaakt, dezelfde manier waarop een dakdekker een doorvoer voor een ventilatiepijp of een antennemast afdicht. Er is geen kit die na een aantal jaar uitdroogt en geen rubber ring die bij vorst kan scheuren. De manchet is van hetzelfde verzinkte staal als de felsbaan, met dezelfde matte coating, en beweegt mee met de zetting van het dak in plaats van daar los van te staan. Hoe het water op de rest van het dakvlak wordt afgevoerd, zonder die ene doorvoer, leggen wij uit bij de pagina over hoe het dak waterdicht blijft; hier gaat het puur om die ene opening en de plek waar hij zit.

Binnen loopt de kabel van die ene doorvoer naar de meterkast, en ook daar speelt de twee-onder-een-kap een rol die bij een vrijstaande woning niet bestaat. Twee woningen naast elkaar betekent in de regel twee meterkasten, twee aansluitingen op het net en, als beide huizen het dak laten meedoen, twee gescheiden kabeltrajecten die vanaf hun eigen deel van het dak naar hun eigen meterkast lopen. Die trajecten kunnen dicht bij elkaar liggen zonder dat ze elkaar raken, zolang dat bij de start van het werk is vastgelegd. Hoe die stroom precies naar binnen komt, van dakdoorvoer tot meterkast, staat uitgewerkt op de pagina over hoe de stroom naar binnen komt bij een twee-onder-een-kapwoning; hier is het genoeg om te weten dat de doorvoer op het dak de plek is waar dat traject begint.

Een praktijkgeval maakt het concreet. Bij een blok van twee woningen waarvan de linkerhelft een nieuw dak kreeg en de rechterhelft vooralsnog het oude pannendak hield, is de kabeldoorvoer voor de nieuwe felsbanen met geïntegreerde cellen precies op de bestaande nokdoorvoer van de linkerhelft geplaatst, waar eerder een rookgasafvoer had gezeten die niet meer in gebruik was. Er is geen nieuwe opening in het dakvlak gemaakt. Toen de rechterhelft twee jaar later ook overging op een felsdak met cellen, is dezelfde aanpak gevolgd aan de andere kant van de nok, met een eigen doorvoer voor die eigen helft, zodat de twee installaties en de twee kabeltrajecten volledig los van elkaar staan terwijl het dakvlak van boven gezien nog steeds als één geheel oogt.

Dat is meteen waarom de vraag wie welk deel vervangt zo belangrijk is bij dit gebouwtype. Een felsdak wordt in doorlopende banen gelegd, en een baan die over de erfgrens heen loopt, kan niet zomaar door de ene eigenaar worden vervangen zonder de andere erbij te betrekken. Bij nieuwbouw of een gezamenlijke renovatie is dat geen probleem: dan wordt de knip tussen de twee dakvlakken vooraf op tekening gezet, precies op de plek waar de erfgrens onder het dak doorloopt, en krijgt elke helft zijn eigen banen, zijn eigen kabeldoorvoer en zijn eigen aansluiting. Wordt er niet gelijktijdig gebouwd, dan bepalen we samen met beide eigenaren waar die knip komt en hoe de banen van de ene helft aansluiten op die van de andere, zodat een latere vervanging van de tweede helft niet betekent dat het dak van de eerste helft opnieuw open moet.

Bij een paneelveld op een bestaand dak speelt die vraag nauwelijks. Panelen liggen los op het dakvlak, op eigen dragers, en een eigenaar kan zijn deel van het dak laten liggen terwijl de buren hun panelen plaatsen of weghalen, zonder dat de dakbedekking zelf daarbij betrokken raakt. Bij een dak dat zelf de opwekking is, ligt dat anders: de felsbanen zijn het dak, dus de afspraak over wie welk deel beheert, ligt vast voordat de eerste baan gelegd wordt, niet erna.

Of deze aanpak voor een bepaalde twee-onder-een-kapwoning verstandig is, hangt af van de staat van het bestaande dak en van de vraag of beide eigenaren tegelijk willen vervangen. Ligt er nog een pannendak dat prima meekan voor vijftien jaar, dan is een paneelveld op de bestaande dakbedekking vaak de eenvoudigere weg, en die vergelijking maken wij liever eerlijk dan dat we een dak adviseren dat nog niet aan vervanging toe is. Speelt vervanging al, dan is de kabeldoorvoer, hoe klein hij ook is, een van de details die we vooraf op tekening vastleggen, samen met de vraag waar de erfgrens in het dakvlak loopt en wie waarvoor tekent.

KKlikzink
Pagina'sSolarfels: felsplaten met de zonnecellen erinDiensten voor solarfels: van tekening tot dakOver ons: waarom wij de cellen in de baan zettenContact over solarfels op uw dakvlakDetailsHoe het werktSpecificatiesOpbrengstVergelijkenProjectenBlogPrivacyverklaring solarfels.com
Contact
Adres
© Klikzink