Klikzink
Een vakantiepark bestaat zelden uit één groot dakvlak. Het is een verzameling van tientallen of honderden kleine daken, elk op zijn eigen kavel, elk met zijn eigen richting en zijn eigen buren. Het ene chalet staat vrij in de wind, het andere kruipt tegen een bosrand aan, het derde krijgt de hele middag schaduw van de nok van het huisje ernaast. Dat verschil per dak is precies waar de optimizer per baan iets oplost dat bij een enkel groot dak op een loods of een kantoor veel minder speelt.
Bij een gewone rij zonnepanelen zijn de cellen elektrisch in serie geschakeld: het paneel met de minste zon bepaalt de stroom van de hele string. Valt er schaduw op één paneel, dan zakt de opbrengst van de andere panelen in die string mee, ook als die zelf volop in de zon staan. Bij een felsdak met zonnecellen per baan speelt hetzelfde risico, maar dan per baan in plaats van per paneel. Daarom zit er bij deze toepassing een regelaar per baan, of per klein groepje banen, die de opbrengst van dat stukje dakvlak apart bijhoudt en apart optimaliseert. Eén baan met een tak erop, een schoorsteen ervoor of een dakraam ernaast trekt dan niet de opbrengst van de rest van het dakvlak omlaag. De regelaar zit weggewerkt bij de bekabeling van de baan, dicht bij de plek waar die de gootconstructie inloopt, en is niet iets dat je op het dak ziet liggen.
Op een groot plat dak met panelen op een systeem is het gangbaar om panelen in strings te groeperen en die strings als geheel te laten meelopen met de zon. Dat werkt goed zolang het dakvlak vrij is van obstakels en de hele string min of meer gelijk beschenen wordt. Op een vakantiepark is dat uitgangspunt vaak niet houdbaar. Elk huisje heeft zijn eigen kleine dakvlak, met zijn eigen schaduwpatroon van bomen, buurpanden of eigen opbouwen zoals een schoorsteen of een klimaatunit op het dak. Eén optimizer per baan betekent dat elk dakvlak, en zelfs elk deel van een dakvlak, voor zichzelf presteert. Het chalet dat vrij in de zon staat, levert zijn volledige opbrengst, ongeacht wat het huisje drie kavels verderop doet. Dat is een ander uitgangspunt dan bij één groot dak, waar de keuze vaak is om strings zo te leggen dat schaduwgevoelige delen bij elkaar staan. Bij een vakantiepark met honderd losse daken is die aanpak niet te doen, en is regelen per baan de praktischere weg.
Een vakantiepark heeft nog een tweede eigenschap die meespeelt: het verbruik loopt voor een groot deel gelijk op met het seizoen waarin de zon het meeste doet. In de zomer zijn de huisjes vol, staan koelkasten, airco's en warmwatertoestellen aan, en is de bezetting op zijn hoogst. Dat is dezelfde periode waarin een dakvlak de meeste opbrengst kan halen. Bij een kantoorpand loopt het verbruik door het jaar heen redelijk gelijk, met een piek op werkdagen. Bij een vakantiepark valt de vraag samen met het aanbod van zon, en dat maakt het extra van belang dat elk dakvlak ook werkelijk zijn eigen opbrengst haalt, zonder dat één schaduwrijk huisje de rest omlaag trekt. Met een optimizer per baan blijft die opbrengst per dak overeind, ook als het park zelf niet overal even zonnig ligt.
Stel een park met dertig chalets in een rij, aan een bosrand. De voorste tien staan vrij, de middelste tien krijgen 's ochtends schaduw van de bomen, de achterste tien liggen tegen de bosrand aan en hebben vanaf de vroege middag al schaduw op een deel van het dakvlak. Zonder regelaar per baan zou je bij elk chaletdak al snel de zwakste schakel van dat dak leidend maken voor de rest van dat dak. Met een optimizer per baan blijft het onbeschaduwde deel van elk dak zijn eigen opbrengst leveren, ook op de daken die deels in de schaduw liggen. Het scheelt niet alleen bij bomen: een dakraam, een ventilatiekap of een schoorsteen op een chaletdak heeft in de praktijk vaak hetzelfde effect als een boom, en op een vakantiepark met honderden kleine daken komt dat soort obstakels vaker voor dan op één groot bedrijfsdak.
Staat een chalet volledig vrij, zonder bomen, zonder buurhuisjes die schaduw werpen en zonder eigen opbouwen op het dak, dan levert regelen per baan weinig extra op ten opzichte van een eenvoudiger schakeling. Het voordeel van een optimizer per baan zit in de situaties waarin een dakvlak niet gelijkmatig beschenen wordt: bij bebossing, bij dicht op elkaar staande huisjes, bij dakramen of technische opbouwen. Op een vakantiepark is die situatie eerder de regel dan de uitzondering, simpelweg omdat de meeste parken juist vanwege het groen en de beslotenheid aantrekkelijk zijn voor gasten. Diezelfde bomen die het park aantrekkelijk maken, zorgen voor de schaduw die het regelen per baan de moeite waard maakt.
Omdat elke baan of elk klein groepje banen zijn eigen opbrengst regelt, is de rest van het systeem eenvoudiger te overzien: een storing of tijdelijke onderprestatie op één dakvlak blijft beperkt tot dat dakvlak en is met dataregistratie per optimizer ook goed te herleiden. Bij een park met veel losse daken is dat prettig bij beheer: de parkeigenaar of de technische dienst kan per huisje zien wat het dak levert, in plaats van te moeten gissen naar welk paneel of welke baan de opbrengst van een hele string drukt. Dat neemt niet weg dat de omvang van de investering, de aansluiting op het net en de indeling van de bekabeling per park verschillen; dat rekenen we uit op tekening, per dakvlak en per situatie, niet in algemene getallen.
Een optimizer per baan zorgt dat schaduw op één plek niet de rest van het dakvlak meetrekt, maar hij maakt een beschaduwd dakvlak niet zonnig. Een chalet dat het grootste deel van de dag in de schaduw van bos of buurhuizen ligt, levert nu eenmaal minder dan een chalet in de volle zon, met of zonder regelaar per baan. Wat de optimizer wegneemt is de onnodige extra verliespost die ontstaat wanneer één schaduwplek de opbrengst van een heel dakvlak of een hele string drukt. Bij een park waar de meeste daken sowieso goed in de zon liggen en er weinig obstakels zijn, is de meerwaarde beperkt en is een eenvoudigere schakeling voldoende.