Klikzink

Bekabeling onder de baan bij een bedrijfshal

Bij een bedrijfshal met een groot, vlak dakvlak is de bekabeling meestal het eerste waar de installateur naar vraagt, en niet de zonnecellen zelf. Bij panelen op beugels ligt die vraag voor de hand: er lopen kabels over het dak, van paneel naar paneel, tot aan de plek waar ze gebundeld naar binnen gaan. Bij een felsbaan met geïntegreerde cellen ligt de situatie andersom. De kabel zit al in de baan verwerkt en gaat vanaf de onderzijde het dakvlak in, tussen de baan en de ondergrond. Er ligt dus niets op het dak om over te struikelen, niets dat je ziet als je vanaf de grond omhoog kijkt, en niets dat een dakdekker later los moet halen om bij het dakvlak zelf te komen.

Dat klinkt eenvoudig, en voor het oog is het dat ook, maar het stelt wel eisen aan wat er onder de baan zit. Een felsbaan met cellen erin heeft aan de onderkant iets meer ruimte nodig dan een kale stalen baan, simpelweg omdat daar de kabel en de aansluitpunten liggen. Bij een bedrijfshal is dat meestal geen probleem: de dakopbouw bestaat vaak uit een stalen dakplaat met isolatie en een ventilerende spouw, en in die spouw is plaats genoeg. Bij een dakvlak met een heel dunne opbouw, zoals soms bij een verbouwing van een bestaand pand, moet dat vooraf worden nagerekend. Dat is precies waarom wij een dakvlak altijd op tekening doorrekenen voordat er een baan wordt gewalst: niet omdat het ingewikkeld is, maar omdat de ruimte er wel echt moet zijn.

Waarom dit bij een grote hal meer oplevert dan bij een klein dak

Het type gebouw waar dit voor geldt, maakt voor de bekabeling zelf weinig uit, maar voor het resultaat juist veel. Een bedrijfshal met een groot dakvlak en een bedrijf dat overdag stroom gebruikt, is de situatie waarin een dak dat zelf opwekt het meest oplevert. De stroom die via de kabels onder de banen naar binnen gaat, wordt dan meteen gebruikt op de vloer eronder: in de compressoren, de verlichting, de koeling, de machines. Er hoeft niets te worden teruggeleverd aan een net dat daar misschien geen ruimte voor heeft, en er hoeft ook niets te worden opgeslagen. De kabelroute is dan kort en simpel: van het dakvlak rechtstreeks naar de verdeler op de vloer eronder, zonder dat de afstand tot aan de erfgrens of het transformatorstation een rol speelt. Bij een klein dak op een woonhuis is die opbrengst-timing veel minder een issue, simpelweg omdat de hoeveelheden kleiner zijn.

Bij een bedrijfshal met honderden vierkante meters dakvlak loopt de bekabeling dus niet in kilometers over het dak, zoals soms het beeld is, maar in een beperkt aantal stroken die per dakvlak samenkomen. Elke baan levert zijn eigen stroompje, en die stroompjes worden onder het dakvlak verzameld voordat ze de grote overstap naar beneden maken. Dat verzamelpunt, en de plek waar de kabel het dak uiteindelijk verlaat, komt terug in een ander deel van de uitleg over dit gebouwtype, waar wij ingaan op de kabeldoorvoer bij een bedrijfshal en waarom die er meestal maar één keer hoeft te zijn. Voor de bekabeling onder de baan zelf is het genoeg om te weten dat die route intern blijft, verscholen in de dakopbouw, tot het punt waarop hij het dak verlaat.

Het verschil met kabels op een dak vol panelen

Bij een dak met paneel-op-beugelsystemen ligt de bekabeling in het zicht, of in ieder geval binnen handbereik van iedereen die op het dak loopt. Dat betekent onderhoud aan clips en kabelgoten, controle op UV-schade omdat de kabel in de zon ligt, en een risico dat een kabel losraakt door wind onder de panelen of door een dakdekker die er per ongeluk overheen loopt bij ander onderhoud. Bij een felsbaan met geïntegreerde cellen speelt dat niet. De kabel zit uit de zon, uit de wind, en uit het zicht van wie op het dak loopt voor iets anders, bijvoorbeeld onderhoud aan een luchtbehandelingskast. Dat is meteen ook de reden waarom dit systeem geen zichtbare bekabeling op het dakvlak toevoegt: het dak blijft er in het aanzicht hetzelfde uitzien als een fels zonder cellen, iets dat ook terugkomt in de uitleg over wat mos en vervuiling doen op zo'n dakvlak, waar dezelfde afwezigheid van obstakels een rol speelt bij het schoonhouden.

Er is ook een keerzijde die eerlijk genoemd moet worden. Omdat de kabel in de baan zelf zit, is een felsbaan met cellen een geheel: baan en bekabeling worden samen gewalst en geleverd, en dat is niet iets dat je achteraf even bijplaatst zoals een los paneel op een beugel. Wil je een dakvlak later uitbreiden met meer opwekkend oppervlak, dan moet dat vooraf worden meegenomen in de planning van de banen, niet achteraf worden bijgeklust met een extra stekker. Voor een bedrijfshal die in fases wordt gebouwd of verbouwd, is dat een reden om in een vroeg stadium met ons mee te denken over welke dakvlakken wanneer worden voorzien van cellen.

Wat dit betekent op de bouwplaats

Voor de aannemer die de hal bouwt of verbouwt, verandert er in de uitvoering wel iets ten opzichte van een dak zonder opwekking. De volgorde van werken ligt vast: eerst de dakplaat en isolatie, dan de banen met de geïntegreerde cellen erop, en de bekabeling wordt tijdens het leggen van de banen meteen meegenomen naar het verzamelpunt. Dat is geen aparte werkgang die achteraf, na oplevering van het dak, nog moet gebeuren zoals bij een systeem met paneel en beugel, waarbij eerst het dak klaar is en er dan een tweede partij overheen komt om panelen te monteren en te bekabelen. Bij een geïntegreerd systeem is de elektricien vanaf het begin bij de dakdekker betrokken, of in ieder geval wordt de aansluiting van tevoren op tekening vastgelegd, zodat er geen verrassingen zijn op het moment dat de banen worden gelegd.

Dat scheelt in de praktijk een bouwfase, maar het vraagt ook om vooraf goed nadenken over waar het dakvlak precies begint en eindigt, waar de nokken en kilkepers zitten, en waar de kabel het dakvlak gaat verlaten. Bij een bedrijfshal met een simpel zadeldak is dat meestal een kwestie van een paar tekeningen doorrekenen. Bij een complexer dak, met opbouwen voor luchtbehandeling of lichtstraten, wordt het net iets meer puzzelen, en juist daarom rekenen wij dat per dakvlak uit voordat er iets gewalst wordt. Wie een hal overweegt waarbij het dak zelf de stroom gaat leveren, kan de tekening van het dakvlak naar Klikzink sturen, Boylestraat 22 in Ede, en wij laten zien waar de banen komen te liggen en waar de bekabeling onder het dakvlak zijn weg naar binnen vindt.

KKlikzink
Pagina'sSolarfels: felsplaten met de zonnecellen erinDiensten voor solarfels: van tekening tot dakOver ons: waarom wij de cellen in de baan zettenContact over solarfels op uw dakvlakDetailsHoe het werktSpecificatiesOpbrengstVergelijkenProjectenBlogPrivacyverklaring solarfels.com
Contact
Adres
© Klikzink