Klikzink

Vogels onder zonnepanelen op een aanbouw

Een aanbouw tegen een bestaand huis heeft meestal een laag, goed bereikbaar dakvlak. Precies dat maakt het aantrekkelijk voor duiven en kauwen zodra er panelen op beugels liggen. De vogels komen niet op het paneel zitten, ze gaan onder het paneel zitten, in de ruimte die ontstaat tussen de beugelconstructie en het dakvlak. Die ruimte is droog, uit de wind en moeilijk te bereiken voor een mens met een ladder. Voor een duif is dat een ideale plek om een nest te beginnen, en bij een aanbouw waar je zelf vaak in de tuin staat en er tegen het dak aankijkt, valt dat al snel op.

Bij deze dakbedekking is die tussenruimte er niet. De zonnecellen liggen in het vlak van de felsbaan, op dezelfde hoogte als de banen ernaast, zonder beugels die het paneel op afstand houden. Er is geen holle ruimte onder het paneel omdat er geen paneel boven het dak zweeft. Het dakvlak is één doorlopend, vlak oppervlak, met de fels als enige verhoging, en die is te smal en te ondiep om iets in te bouwen. Een duif die op het dak landt, vindt geen beschutte plek om te gaan zitten broeden. Ze kan er lopen, ze kan er zitten, maar ze kan er niet onder.

Dat is vooral bij een aanbouw relevant, want daar ligt het dak vaak dicht tegen een gevel, een raam op de eerste verdieping van het hoofdhuis, of een berging. Vogels die eronder nestelen laten veren, mest en nestmateriaal achter, en dat spoelt bij regen soms af tegen de gevel of blijft liggen op de overgang naar het hoofddak. Bij een klein dakvlak is dat overlast die je meteen ziet, omdat je er vanuit de keuken of de tuin op uitkijkt. Bij een geïntegreerd dak speelt dat niet, simpelweg omdat er geen nestplek is om te ontstaan.

Hoe dat samengaat met de rest van de aanbouw

Een aanbouw heeft twee dingen die bij een op zichzelf staand dak niet spelen: een aansluiting op een bestaande meterkast, en een overgang naar het hoofddak van het huis. Beide hebben met vogels te maken zodra er kabels of doorvoeren in het spel zijn.

De bekabeling van de zonnecellen gaat door het dakvlak naar binnen via een doorvoer die op tekening wordt bepaald, meestal dicht bij de laagste rand of bij de overgang naar de gevel waar de meterkast van het hoofdhuis zich bevindt. Bij panelen op beugels lopen de kabels vaak eerst over het dak, onder de panelen door, voor ze een doorvoer bereiken. Dat is precies het traject waar een vogel het nestmateriaal tegenaan kan duwen of waar mos en vuil zich verzamelen. Bij een felsdak met geïntegreerde cellen ligt die bekabeling inpandig, meteen onder het dakvlak, zonder een tussenstuk waar iets kan blijven hangen.

De overgang naar het hoofddak is de andere plek waar het misgaat bij een gewone installatie. Als de aanbouw lager is dan het hoofdhuis, ontstaat er een hoek waar regenwater, blad en soms een vogelnest samenkomen. Bij een felsbaan wordt die overgang met plaatwerk en de bestaande felstechniek opgelost, aansluitend op het profiel van de baan, zonder een oprijzend paneel dat een schaduwrand of een opstaphoogte veroorzaakt. Er is dan geen richel waar een kauw op kan gaan zitten om net onder de dakrand te beginnen met bouwen.

Wat je in de praktijk merkt bij een klein dakvlak

Bij een laag dakvlak tegen een bestaand huis, zoals een garage-aanbouw of een uitbouw van de keuken, is de afstand tot de tuin en tot de ramen van de buren vaak klein. Een vogelnest onder een paneel op zo'n dak is dan niet alleen een onderhoudskwestie, het is ook geluidsoverlast, vroeg in de ochtend, vlak bij een slaapkamerraam. Bij een felsdak met de cellen in het vlak verdwijnt die situatie omdat de fysieke ruimte voor een nest ontbreekt. Dat betekent niet dat er nooit een vogel op het dak zit; een merel of een kauw kan er gewoon overheen lopen, net als op elk ander dak. Het verschil is dat er niets is om in te nestelen.

Het is de moeite waard om dit te noemen naast andere onderwerpen die bij zo'n dak spelen, zoals hoe het waterdicht blijft en wat er gebeurt als één baan beschadigd raakt. Die zaken staan elders beschreven; hier gaat het puur om de vraag of een aanbouw een vogelprobleem oplevert, en het antwoord ligt in de vlakke opbouw van het dak zelf, niet in een extra voorziening tegen vogels.

Wanneer een gewoon paneel toch logischer is

Als het dak van de aanbouw niet aan vervanging toe is en er alleen zonnestroom bij moet, is een paneel op beugels vaak de snellere en goedkopere weg, ook al is de kans op een vogelnest daarbij reëel. Er zijn dan oplossingen zoals gaas rond de rand van het paneel, maar dat is een extra werk achteraf, met een extra kostenpost en een extra onderhoudspunt. Bij een dak dat toch vervangen wordt of bij een nieuwe aanbouw die nog gebouwd moet worden, ligt de afweging anders: je betaalt dan één keer voor dak en opwekking samen, en het vogelprobleem is opgelost doordat het nooit ontstaat.

Hoeveel dat in een concreet geval verschilt qua kosten, hangt af van de afmetingen van het dakvlak, de hellingshoek en de aansluitingen die nodig zijn op het hoofdhuis. Dat rekenen we uit op tekening, per project, zonder vooraf een getal te noemen dat voor een ander dak niet klopt. Wie een aanbouw plant of een bestaand plat of hellend dakje wil vervangen, kan de tekening aanleveren en krijgt terug wat het op die specifieke plek betekent, inclusief hoe de overgang naar het hoofddak en de aansluiting op de meterkast worden opgelost.

Terug naar het overzicht

KKlikzink
Pagina'sSolarfels: felsplaten met de zonnecellen erinDiensten voor solarfels: van tekening tot dakOver ons: waarom wij de cellen in de baan zettenContact over solarfels op uw dakvlakDetailsHoe het werktSpecificatiesOpbrengstVergelijkenProjectenBlogPrivacyverklaring solarfels.com
Contact
Adres
© Klikzink