Klikzink

Veiligheidsschakelaar bij een bedrijfshal

Een dakvlak dat stroom opwekt, moet spanningsloos gemaakt kunnen worden. Bij brand moet de brandweer het dak veilig kunnen naderen zonder risico op een schok, en bij onderhoud moet een monteur zonder gevaar aan de installatie kunnen werken. Die schakeling heet de veiligheidsschakelaar, en bij een bedrijfshal ligt hij op een andere plek en met een ander gewicht dan bij een woonhuis.

De schakelaar zit niet op het dak zelf. Hij hangt bij de omvormer, meestal in de technische ruimte of tegen de gevel op de begane grond, samen met de groepenkast en de aansluiting op het net. Vanaf daar is het vlak in secties te scheiden: het dakdeel dat stroom levert aan de ene kant, de binneninstallatie aan de andere kant. Wie op het dak moet zijn, of wie van buiten het pand binnenkomt om iets aan de elektra te doen, kan bij die kast zien en voelen dat het vlak los is genomen. Waar de omvormer precies komt te hangen bij een bedrijfshal, en hoe die schakeling daar op aansluit, staat uitgewerkt op de pagina daarover.

Bij een bedrijfshal met een groot dakvlak is de schaal anders dan bij een woning. Een hal van pakweg drieduizend vierkante meter dak heeft niet één simpele schakelaar maar een set: het vlak wordt in stroken of secties verdeeld, elk met zijn eigen schakelpunt, zodat de brandweer of de monteur niet het hele dak in één keer buiten werking moet stellen als er maar op één plek gewerkt wordt. Dat is een keuze die de installateur op tekening maakt, niet iets dat standaard is voor elk gebouw. Hoe die secties precies lopen, hangt af van de vorm van het dak en van waar de hoofdkabels binnenkomen, zoals ook beschreven bij hoe de stroom naar binnen komt bij een bedrijfshal.

Bediening en verantwoordelijkheid

De schakelaar is niet iets waar een willekeurige werknemer aan mag draaien. Hij wordt bediend door de brandweer bij een incident, of door een erkend installateur bij onderhoud en storing. Voor de brandweer is er meestal een sticker of een plan bij de hoofdingang dat aangeeft waar de schakelkast zit en wat hij doet: dat is een vaste stap in het brandveiligheidsplan van een bedrijfsgebouw, waarover meer te lezen is op de pagina over brandveiligheid bij een bedrijfshal. Voor de installateur is het een kwestie van het protocol volgen dat bij elke onderhoudsbeurt hoort, ongeacht of dat onderhoud een paar keer per jaar plaatsvindt of alleen bij een storing.

Waar dit anders ligt dan bij paneelvelden op een dak

Bij een dak met opgelegde paneelvelden zit de bekabeling los boven het dakvlak, van paneel naar paneel, tot aan de rand waar de kabels naar binnen gaan. Die kabels liggen zichtbaar op het dak, onder de panelen, vaak in kabelgoten of clips. Bij brand is dat een extra complicatie: de brandweer moet eerst vaststellen welke delen van dat kabeltracé nog onder spanning staan, en een paneelveld kan na het uitschakelen van de omvormer nog steeds spanning voeren op de kabels zelf, omdat elk paneel apart licht ontvangt en dus apart spanning maakt zolang de zon erop valt.

Bij een felsdak met de cellen in het dakvlak zelf loopt de bekabeling onder de banen, niet erboven. Er is geen los tracé dat apart beoordeeld moet worden: de bekabeling volgt de dakconstructie en komt samen bij de doorvoerpunten die überhaupt al nodig zijn voor een dak zonder opwekking. Dat maakt het aanwijzen van wat spanningsloos is eenvoudiger, en het maakt het aantal plekken waar een brandweerman met een kabel te maken kan krijgen kleiner. Het verandert niets aan het basisfeit dat losse cellen bij daglicht spanning blijven maken tot ze fysiek van elkaar gescheiden zijn: dat geldt voor beide systemen. Maar de plek waar die scheiding zit en hoe makkelijk die te vinden is, verschilt.

De gunstige combinatie bij dit gebouw

Bij een bedrijfshal is er nog een reden waarom de veiligheidsschakelaar minder vaak in actie komt dan je zou denken, en dat heeft niets met de schakelaar zelf te maken maar met hoe de stroom gebruikt wordt. Een groot dakvlak boven een bedrijf levert stroom op het moment dat de zon schijnt, en een bedrijf verbruikt stroom op precies dat moment: machines draaien, koeling staat aan, verlichting brandt, allemaal overdag. Dat is de gunstigste combinatie die er is, omdat de opgewekte stroom direct wordt afgenomen in het pand zelf, zonder dat hij eerst het net op moet en weer terug. Voor de veiligheidsschakelaar betekent dat vooral dat het systeem in de praktijk minder tijd doorbrengt met stroom terugleveren aan het net en meer tijd met stroom die binnen het gebouw blijft, wat het aantal schakelmomenten en de complexiteit van de aansluiting op het net beperkt houdt.

Dat is geen reden om de schakelaar lichter te nemen. De veiligheidsschakelaar moet er zijn, moet werken, en moet vindbaar zijn voor wie hem nodig heeft, of dat een installateur is die een defecte sectie wil isoleren of een bevelvoerder die het dak veilig wil verklaren. Wat het wel betekent is dat het opwekvermogen van een bedrijfshal geen overschot is dat wacht om ergens anders heen te gaan: het wordt hier verbruikt, wat het hele systeem eenvoudiger maakt om te overzien dan een installatie die vooral voor teruglevering is gebouwd.

Wat dit betekent voor de tekening

Waar precies de schakelkast komt, hoeveel secties het dakvlak krijgt en hoe de bediening voor de brandweer wordt aangegeven, is iets dat de installateur samen met de architect of aannemer op tekening uitwerkt, niet iets dat uit een standaardtabel komt. Elk bedrijfsgebouw heeft een andere dakvorm, een andere plek voor de meterkast en een andere routing voor de hoofdkabels. Klikzink denkt daarin mee vanaf de eerste schets, op basis van de tekening van het gebouw, en dat meedenken kost niets.

KKlikzink
Pagina'sSolarfels: felsplaten met de zonnecellen erinDiensten voor solarfels: van tekening tot dakOver ons: waarom wij de cellen in de baan zettenContact over solarfels op uw dakvlakDetailsHoe het werktSpecificatiesOpbrengstVergelijkenProjectenBlogPrivacyverklaring solarfels.com
Contact
Adres
© Klikzink