Klikzink

Veiligheidsschakelaar bij een kantoorpand met felsbaan

Een dak dat stroom opwekt moet spanningsloos gemaakt kunnen worden. Bij brand, bij onderhoud, bij een storing die iemand met eigen handen op het dak moet oplossen. Die voorziening heet de veiligheidsschakelaar, en bij een kantoorpand ligt de manier waarop hij wordt aangelegd en bediend anders dan bij een loods of een woonhuis, simpelweg omdat er overdag mensen in het gebouw zitten en er regelmatig klanten over de vloer komen.

Waar de schakelaar hoort te zitten

Bij een kantoorpand met een dak vol installaties, luchtbehandeling, liftmotoren, soms een noodstroomvoorziening, wordt de veiligheidsschakelaar meestal bij de toegang tot het dak geplaatst en nog eens bij de hoofdverdeler binnen. Dat is geen keuze van de dakbedekker maar van de installateur die de brandmeldinstallatie en het schakelschema van het gebouw kent. Bij een felsdak zit die schakelaar niet ergens los tussen de kabels op het dakvlak; hij hoort in de lijn die van de daglaag naar de omvormer loopt, op een vaste plek die de brandweer en de eigen technische dienst kunnen terugvinden zonder het hele dak te doorzoeken. Waar de omvormer precies staat en hoe die lijn daarheen loopt, leggen we uit bij het adres over de omvormer bij een kantoorpand, maar de schakelaar zelf hoort logisch dicht bij die route te zitten, niet aan het andere eind van het dak.

Wat hij doet bij brand

Als de brandweer bij een pand met een brand op het dak of erin moet ingrijpen, wil ze niet gokken of een dakvlak nog stroom voert. Bij een gewoon paneel op beugels loopt er een DC-kabel van elk paneel naar de rand van het dak, vaak in een bundel die zichtbaar over de dakbedekking ligt. Die kabel voert spanning zolang er licht op het paneel valt, ook als de omvormer is uitgeschakeld: dat is precies waarom er een schakelaar moet zijn die de daglaag zelf onderbreekt, dicht bij de panelen, en niet alleen bij de omvormer binnen. Bij een felsdak waarin de cellen in de baan zitten, ligt de bekabeling grotendeels onder de banen door, maar het principe blijft hetzelfde: zolang er licht op valt, wekt de laag op, en de schakelaar moet die opwekking kunnen afsluiten voordat iemand het dakvlak op gaat of een brandweerman een baan doorsnijdt. Bij kantoorpanden werkt de brandmeldcentrale dat vaak automatisch aan, gekoppeld aan de melding, zodat de schakelaar al is bediend voordat er iemand fysiek bij moet.

Wie hem bedient bij onderhoud

Buiten een calamiteit is de schakelaar er ook voor het gewone onderhoud aan de installatie of aan andere apparatuur op het dak. Een kantoorpand heeft meestal een eigen technische dienst of een onderhoudscontract voor de klimaatinstallatie, en degene die aan de airco-unit of de liftmachinekamer werkt, moet zeker kunnen weten dat het dakvlak naast hem geen spanning voert. Bij een gebouw waar overdag verbruik hoog is, wordt de installatie vaak niet 's nachts maar juist tussen de middag of aan het eind van de dag onderhouden, wanneer het personeel er nog is maar de piek al voorbij is. Dat betekent dat de schakelaar met enige regelmaat wordt bediend door mensen die niet de installateur zijn maar wel op het dak moeten kunnen komen, een facilitair medewerker, een liftmonteur, iemand van de beveiliging die een camera vervangt. Daarom staat de schakelaar het handigst op een plek die iedereen met dakinstructie kan vinden en bedienen, met een duidelijk label, niet verstopt achter een luchtkanaal.

Waar het anders ligt dan bij panelen op een dak

Het grootste verschil met een gewoon paneel op beugels zit niet in de schakelaar zelf, die is bij beide systemen verplicht en werkt volgens hetzelfde principe. Het verschil zit in de kabels die naar die schakelaar toe lopen. Bij paneelvelden op een kantoordak liggen er tientallen DC-strings over het dakvlak, vaak in kabelgoten die los op de dakbedekking zijn bevestigd. Bij een felsdak waarin de cellen in de baan zitten, ligt die bekabeling grotendeels beschermd onder de felsnaad en gaat hij op een beperkt aantal punten het dakvlak in, zoals we uitleggen bij hoe de stroom naar binnen komt bij een kantoorpand. Minder kabel op het dakvlak betekent minder plekken waar een schakelaar of een aansluitpunt zichtbaar of bereikbaar moet zijn, en dat is bij een kantoorpand waar het uiterlijk meetelt geen bijzaak: een dakrand vol kabelgoten en aansluitkastjes is precies het beeld dat een gebouw met klantenbezoek niet wil laten zien vanaf de straat of vanuit een naastgelegen hoger pand.

Een tweede verschil is de plek waar je de schakelaar praktisch kunt zetten. Bij paneelvelden zit hij vaak bij het paneelveld zelf, aan de rand, omdat de kabels daar toch al samenkomen voor de omvormer. Bij een felsdak zit de opwekking verspreid over de hele daglaag in plaats van geconcentreerd in een veld, dus wordt de schakelaar standaard bij het punt gezet waar de bekabeling het dakvlak verlaat en het gebouw in gaat, meestal bij een dakdoorvoer of bij de toegang tot het trappenhuis naar het dak. Dat is meteen ook de plek waar de brandweer als eerste komt wanneer ze het dak op moet, wat het in de praktijk makkelijker maakt om instructies eenduidig te houden: één schakelaar, één plek, in plaats van een schakelaar per paneelveld als het dak in meerdere vlakken is verdeeld.

Derde verschil, en dat is meer een kwestie van beheer dan van techniek: bij een kantoorpand met verbruik overdag wordt de installatie relevant belast op precies de uren dat het personeel er is en de schakelaar dus ook het vaakst nodig zou kunnen zijn bij een storing. Dat pleit ervoor om de schakelaar niet alleen in het schakelschema en het onderhoudslogboek te zetten maar ook in de instructie van het personeel dat als eerste op het dak komt bij een klacht, vaak niet de installateur maar de facilitaire beheerder. Bij een paneelveld is dat niet anders, maar omdat de bekabeling bij een felsdak minder opvalt, is het extra belangrijk dat de schakelaar zelf wél opvalt, met een helder label en een vaste plek in de dakplattegrond die bij de sleuteloverdracht van het gebouw wordt meegegeven.

Wat dit betekent voor de aanleg

Bij nieuwbouw of bij vervanging van het dak wordt de plek van de schakelaar meestal in overleg met de installateur en de brandweer of de preventieadviseur vastgelegd, samen met de looproutes over het dak naar de andere installaties. Bij een felsdak met geïntegreerde opwekking is dat overleg niet ingewikkelder dan bij panelen, maar wel iets anders van aard: er is geen apart paneelveld waarbinnen alles zich afspeelt, de hele daglaag is potentieel onder spanning zodra er licht op valt, dus de schakelaar moet het hele vlak kunnen afsluiten in één handeling. Dat is precies waarom wij dat op tekening meenemen bij de indeling van het dak, samen met de plek van de omvormer en de doorvoer naar binnen, zodat de schakelaar logisch in die route past en niet achteraf ergens tussen wordt geperst.

KKlikzink
Pagina'sSolarfels: felsplaten met de zonnecellen erinDiensten voor solarfels: van tekening tot dakOver ons: waarom wij de cellen in de baan zettenContact over solarfels op uw dakvlakDetailsHoe het werktSpecificatiesOpbrengstVergelijkenProjectenBlogPrivacyverklaring solarfels.com
Contact
Adres
© Klikzink