Klikzink
Niets doen heeft één groot voordeel op het gebied van garantie: er is niemand bij wie je moet aankloppen, want er is niets bijgekomen. Het dak ligt er, de garantie van de dakbedekker loopt door zoals afgesproken, en er is geen tweede partij die kan zeggen dat het probleem niet bij hen ligt. Dat is precies waarom niets doen vaak het juiste advies is, zolang het dak nog jaren meegaat. Een felsdak van tien jaar oud met een garantie die nog twintig jaar loopt, heeft geen enkele reden om vervangen te worden voor de opwekking erin verwerkt kan worden. Wachten is dan geen uitstel, het is gewoon de juiste volgorde.
Het punt waarop dat kantelt is het moment dat het dak toch aan de beurt komt. Bij renovatie, bij een lekkage die niet meer te repareren is, bij nieuwbouw. Op dat moment verandert de vraag van of je iets moet doen naar wat je doet terwijl je toch aan het werk bent. En dat is het moment waarop de garantievraag bij een geïntegreerde felsbaan opeens simpel wordt, in plaats van ingewikkeld zoals bij panelen op een bestaand dak.
Bij een dakbedekking met panelen erop zijn het namelijk twee garanties die naast elkaar bestaan en die niet altijd hetzelfde antwoord geven. De dakdekker garandeert het dak, de paneelleverancier garandeert de panelen en de bevestiging daarvan, en tussen die twee zit een grijs gebied van doorvoeren, beugels en de vraag wie verantwoordelijk is als daar een lek ontstaat. Dat hebben we uitgewerkt op de pagina over wie waarvoor garant staat tegenover panelen op beugels. Bij een geïntegreerde felsbaan is dat grijze gebied er niet, simpelweg omdat er geen tweede laag is die apart bevestigd moet worden. De baan die het dak vormt is dezelfde baan die stroom levert, en dus is er één partij die garandeert dat het geheel werkt: de dakbedekking en de opwekking zijn niet los van elkaar te beoordelen.
Het eerlijke verhaal is dat niets doen op de korte termijn altijd goedkoper is dan iets vervangen dat nog goed is. Een dak dat nog vijftien jaar mee kan, vervang je niet voor zonnestroom, punt. Dat geldt voor beide oplossingen, zowel voor panelen op beugels als voor een geïntegreerde felsbaan. Het verschil zit in wat er gebeurt zodra het dak toch aan vervanging toe is.
Bij panelen op beugels kun je die vervanging los zien van de panelen. Je vervangt het dak, en de panelen die er nog goed uitzien kunnen daarna weer terug, of je koopt nieuwe panelen en zet die op het nieuwe dak. Twee aparte beslissingen, twee aparte facturen, en dat is precies waarom die oplossing flexibeler is als je nog niet zeker weet wanneer je aan opwekking wilt beginnen. Je kunt het dak nu laten vervangen en de panelen later toevoegen, of omgekeerd. Bij een geïntegreerde felsbaan kan dat niet: de opwekking zit in het dak, dus je betaalt ze in één moment, op het moment dat het dak zelf vervangen wordt. Dat is geen nadeel van het product, het is de reden waarom het product bestaat, maar het betekent wel dat er geen tussenweg is. Je doet het samen met de dakvervanging of je doet het niet.
Een aannemer die een schoolgebouw onder handen had, kwam daar tegenaan. Het dak was aan het einde van zijn levensduur, de opdrachtgever wilde wel stroom van het dak, maar het budget voor de opwekking was voor het volgende jaar gepland. Bij panelen op beugels was dat geen probleem geweest: dak nu vervangen, panelen volgend jaar erop. Bij een geïntegreerde felsbaan moest de keuze in één keer gemaakt worden, en dat kostte een extra overleg met de opdrachtgever voordat de knoop kon worden doorgehakt. Uiteindelijk is ervoor gekozen om de felsbanen met cellen meteen te leggen, juist omdat een tweede keer het dak openbreken duurder zou zijn geweest dan het budget in één keer vrijmaken. Maar de vraag had ook andersom kunnen uitpakken.
Het praktische verschil zit dus niet alleen in wie je belt als er iets misgaat, maar ook in wanneer je die vraag eigenlijk moet stellen. Bij niets doen stel je hem niet, want er is niets veranderd aan het dak. Bij panelen op een bestaand dak stel je hem op het moment dat er een gebrek optreedt, en dan moet vastgesteld worden of het aan het dak ligt of aan de bevestiging van de panelen. Bij een geïntegreerde felsbaan stel je die vraag helemaal niet, omdat er geen knip is tussen de twee. Als een baan met cellen een storing geeft, is dat een vraag aan dezelfde partij die ook de baan zonder cellen ernaast garandeert.
Dat is winst op het gebied van duidelijkheid, maar het is geen garantie dat het product per se de betere keuze is voor elk dak. Op een schuin dak dat naar het noorden ligt bijvoorbeeld, zoals wij uitleggen bij [de garantie op het noorden](/dakstroom/garantie/op-het-noorden), is de opbrengst zo laag dat de vraag wie garant staat voor de opwekking bijna een theoretische vraag wordt: er is simpelweg weinig te garanderen. Op zo'n dakvlak kan niets doen, of wachten tot er een betere reden is om het dak aan te pakken, verstandiger zijn dan een keuze maken tussen twee garantiestructuren die allebei nauwelijks iets opleveren.
De vraag die overblijft is dus niet of geïntegreerd beter garandeert dan panelen op beugels, want dat hangt af van wat er misgaat en wanneer. De vraag die wél altijd relevant is: wanneer moet dit dak toch vervangen worden? Als het antwoord over vijftien jaar is, is niets doen het juiste antwoord, en heeft de garantievraag geen haast. Als het antwoord binnen een paar jaar is, of als er nu al sprake is van nieuwbouw, dan is het moment om de knoop door te hakken. Wachten kost dan geen geld, het is juist de reden waarom het product op dat dakvlak past. Uitstellen tot na een geplande dakvervanging kost wél geld, omdat het dak dan twee keer openligt in plaats van één keer.
Wij rekenen dat niet op basis van vuistregels, maar op tekening. Stuur de bouwtekening of de bestaande dakopbouw, en we laten zien wat het betekent om de opwekking mee te nemen op het moment dat het dak toch aan de beurt is, tegenover wachten tot een later moment. Dat gesprek kost niets en begint bij Klikzink, Boylestraat 22, 6718 XM Ede.