Klikzink
Een dak dat stroom opwekt, doet dat op momenten die niet altijd samenvallen met het moment dat iemand die stroom nodig heeft. Op een heldere middag levert het dakvlak veel, terwijl er in het gebouw weinig wordt afgenomen. Het verschil gaat het net op. Wat daar vervolgens mee gebeurt en wat het waard is, hangt af van het contract met de netbeheerder en de leverancier, en dat verandert door de jaren heen. Dat is precies waarom eigen verbruik op het moment van opwekken zwaarder telt dan de oppervlakte van het dak. Een klein dakvlak dat de stroom grotendeels zelf opsoupeert, kan interessanter zijn dan een groot dak dat vooral het net voedt.
Dit geldt voor elke vorm van dakstroom, niet alleen voor een felsbaan met geïntegreerde cellen. Maar bij dit product komt er een tweede afweging bij, en die is minder vrijblijvend dan bij een paneel dat je erbovenop legt. Een gewoon paneel op beugels zet je op een dak dat er al ligt en dat nog jaren meegaat. Een felsbaan met cellen erin is het dak zelf. Die vervang je niet omdat de techniek van de cellen verbetert, je vervangt hem omdat het dak op is. Wie nu een prima dak heeft liggen dat nog vijftien jaar meekan, gooit met deze oplossing een bruikbaar dak weg om aan de opwekking te beginnen. Dat is duur op een manier die niets met wattpiek te maken heeft.
Bij een paneel op beugels is uitstellen zelden nodig: het paneel gaat op het bestaande dak, los van de vraag of dat dak nog tien of twintig jaar meegaat, en het paneel gaat er ook weer af als het dak vervangen wordt. Die twee beslissingen staan los van elkaar, zoals wij uitleggen bij [wat het net ermee doet tegenover panelen op beugels](/dakstroom/het-net/tegenover-panelen-op-beugels). Bij een felsbaan met cellen erin liggen dak en opwekking in elkaar verweven. Je betaalt voor de constructie, de waterdichtheid en de opwekking in één keer, en dat is precies waarom het pas rendabel wordt op het moment dat je toch al een nieuwe dakbedekking nodig hebt of een nieuw gebouw optrekt.
Een voorbeeld uit de praktijk: een loods met een asbesthoudend golfplaten dak dat sowieso vervangen moet worden, is een logisch moment. Het dak moet er hoe dan ook af, er komt hoe dan ook nieuwe dakbedekking op, en dan is de vraag alleen nog of die nieuwe bedekking een gewone felsbaan wordt of een felsbaan met cellen erin. Het prijsverschil zit dan alleen nog in de meerkosten van de cellen boven op een dak dat je toch al vernieuwt. Vergelijk dat met een kantoorpand waar het dak van tien jaar oud nog in uitstekende staat is. Daar zou je een compleet dak moeten afschrijven om aan de geïntegreerde variant te beginnen, en dat is zelden te verantwoorden. In die situatie is een paneel op beugels, of een van de andere indak-oplossingen die we bespreken bij [wat het net ermee doet tegenover indak-panelen](/dakstroom/het-net/tegenover-indak-panelen), de eerlijkere route.
Er is ook een andere kant. Een dak dat over vijf jaar toch vervangen wordt, en waar nu nog een tijdelijke oplossing met paneeltjes op beugels wordt neergezet, levert vijf jaar stroom op die anders niet was opgewekt. Wachten tot het dak aan de beurt is, is dus geen advies dat overal klopt: het klopt vooral wanneer die vervanging al op de planning staat, niet wanneer je een vervanging naar voren haalt om de geïntegreerde variant te kunnen toepassen. Wie het dak eerder laat slopen dan nodig om voor deze oplossing te kunnen kiezen, betaalt voor twee dingen die hij niet allebei nodig had: een dak dat nog goed was, en een nieuw dak dat het overneemt.
Er is nog een moment waarop wachten geld kost, en dat heeft niets met de staat van het dak te maken maar met de aansluiting op het net. Sommige netbeheerders hanteren wachtlijsten voor nieuwe teruglevering. Een gebouw dat toch al gaat verbouwen of nieuw gebouwd wordt, kan die aanvraag het beste zo vroeg mogelijk indienen, ongeacht of er voor een geïntegreerde felsbaan of voor beugels wordt gekozen. Dat is een planningskwestie, niet een argument voor het een of het ander.
Een paneel op beugels is lichter te vervangen, lichter te vergroten en lichter te verwijderen dan cellen die in het dakvlak zelf verwerkt zijn. Wil je over acht jaar meer vermogen omdat het verbruik in het gebouw is gestegen, dan schuif je bij beugels een paneel erbij. Bij een felsbaan met cellen erin ligt de opwekking vast in de banen die er liggen; uitbreiden betekent nieuwe banen erbij leggen, wat alleen kan als er nog dakvlak beschikbaar is en als dat aansluit op het bestaande patroon. Wie verwacht dat het vermogen in stappen moet groeien, of wie over een paar jaar wil kunnen schakelen van leverancier of van type paneel, heeft met beugels meer bewegingsruimte. Dat is een reëel voordeel van de andere oplossing en geen reden om het te verzwijgen.
Ook op een dak waar de belasting van de constructie een aandachtspunt is, kan een paneel op beugels soms lichter uitpakken dan een volledige felsbaan met geïntegreerde cellen, afhankelijk van de bestaande dakopbouw. En op een dak dat maar een deel van zijn oppervlak geschikt heeft voor opwekking, bijvoorbeeld door schaduw van een naastgelegen gebouw op één zijde, is het eenvoudiger om alleen dat deel met beugels te beleggen dan om een deel van het dakvlak in de felsbaan met cellen uit te voeren en de rest niet.
Daar staat tegenover dat een dak dat toch al aan vervanging toe is, met een geïntegreerde felsbaan in één bouwstroom klaar is: geen tweede aannemer voor beugels na de dakdekker, geen doorvoeren die apart afgedicht moeten worden, geen tweede laag die op termijn los zit terwijl het dak daaronder nog goed is. Voor een nieuwbouwproject waar de architect het dakvlak strak en ongebroken wil houden, is dat vaak de doorslag. Het net ziet in beide gevallen dezelfde stroom binnenkomen, maar wat er op het dak zelf te zien en te onderhouden is, verschilt aanzienlijk.
De kernvraag is dus niet alleen wat het dakvlak aan stroom kan leveren en wat daarvan zelf gebruikt wordt, al blijft dat de basis van elke berekening. De tweede vraag is of het dak al aan vervanging toe is of dat nog jaren wacht. Ligt er een dak dat nog een lange periode meekan, dan is een paneel op beugels vrijwel altijd de nuchtere keuze, ook al levert dat een minder egaal dakvlak op. Moet het dak sowieso vervangen worden, of wordt er nieuw gebouwd, dan valt de meerprijs van de geïntegreerde cellen in het niet bij de kosten van het dak zelf, en wordt de vergelijking met beugels een andere. Wat dat voor een specifiek dakvlak, een specifieke oriëntatie en een specifiek verbruikspatroon betekent, rekenen wij uit op tekening, zonder dat daar een verzonnen terugverdientijd bij hoort.