Klikzink
Een school is qua dak een ander gebouw dan een loods of een woonhuis. Er staan vaak bomen omheen voor de schaduw op het schoolplein, er is een fietsenstalling met een plat aanbouwdak ernaast waar duiven zitten, en er loopt in de meeste gevallen niemand het hele jaar rond over het terrein om het dak in de gaten te houden. Als er dan wat op het dak blijft liggen, ligt het er ook een tijd.
Bij een gewoon paneel op beugels is dat een probleem dat zich vanzelf aandient. Onder het paneel, tussen de onderconstructie en het dakvlak, zit een spleet van een paar centimeter waar blad, mos, dennennaalden en vogelpoep in blijven liggen. Die strook krijgt geen regen die er dwars doorheen spoelt, geen zon die hem droogt, en na een paar jaar zit daar een laagje organisch materiaal dat vocht vasthoudt tegen het dakvlak aan. Bij solarfels is die spleet er niet. De cellen liggen in het vlak van de baan, op dezelfde hoogte als het staal ernaast, zonder beugel en zonder opstaande rand aan de zijkant om iets achter te laten liggen. Regen die over de baan naar de goot loopt, loopt ook over de cel, met dezelfde snelheid en zonder obstakel.
Voor een schooldak betekent dit vooral dat je minder vaak iemand met een ladder nodig hebt. Een conciërge of een facilitair beheerder die het dak eens per jaar wil laten checken, doet dat bij solarfels niet omdat er onder de panelen troep verzameld ligt, maar om te kijken of er ergens een tak is blijven liggen na een storm of of de hemelwaterafvoer nog vrij is. Dat is geen andere controle dan die voor een dak zonder zonnecellen. Er is geen aparte reinigingsronde nodig omdat de cellen zelf niet vuiler worden dan de rest van het dakvlak: ze liggen op dezelfde lijn, onder dezelfde helling, en spoelen bij regen net zo schoon als de banen ernaast.
Bij een school met veel loofbomen op het terrein, wat vaker voorkomt dan bij een bedrijfshal in een industriegebied, valt er in het najaar wel blad op het dak. Dat blad blijft niet onder een paneel liggen, maar het kan wel in een dakgoot of bij een hoekkeel blijven hangen. Dat is een kwestie van de goot leeg maken, niet van de zonnecellen schoonmaken. Het onderscheid is voor een schoolbestuur relevant: het is geen extra onderhoudspost die bij de zonnecellen hoort, het is het gewone dakonderhoud dat er zonder zonnecellen ook zou zijn.
Een school heeft een verbruikspatroon dat opvallend goed samenvalt met wanneer een dak stroom opwekt: overdag, op schooldagen, met een piek rond het middaguur wanneer de keuken, de ventilatie en de verlichting in volle gang zijn. 's Avonds en in het weekend staat het gebouw grotendeels leeg en is er weinig vraag. Dat is op zichzelf een gunstige match voor eigen verbruik, al is het geen reden om hier iets over opbrengst of terugverdientijd te zeggen: dat rekenen we per dakvlak en per aansluiting uit, niet in algemene tekst.
Wat wel opvalt bij scholen is de zomervakantie. Precies in de periode dat de zon het hoogst staat en de dagen het langst zijn, zes tot acht weken waarin een school er het meest van zou kunnen profiteren, staat het gebouw grotendeels leeg. Er is dan geen klas die apparatuur gebruikt, geen keuken die kookt, geen ventilatiesysteem dat op vol vermogen draait. Dat verandert niets aan de manier waarop het dak zelf functioneert of aan wat er wel of niet op moet worden gedaan aan onderhoud, maar het is wel iets dat meespeelt bij het gesprek over wat een school met de opgewekte stroom doet: direct verbruiken, terugleveren aan het net, of een deel opslaan. Dat gesprek voeren we aan de hand van de tekening en het aansluitschema van het gebouw, niet met een vast antwoord dat voor elke school hetzelfde is.
Bij de meeste schoolgebouwen geldt een simpele regel die bij een kantoor of een loods vaak losser wordt genomen: er loopt niemand op het dak zolang er kinderen in of onder het gebouw zijn. Dat betekent dat onderhoud, inspectie of het verwijderen van een tak na storm buiten schooltijd gebeurt, in het weekend of tijdens een vakantie, en dat degene die het dak op moet niet zomaar even naar boven klimt tussen de lesuren door.
Dat is een van de plekken waar het verschil tussen een dak met opgelegde panelen en een dak dat zelf de opwekking is, in de praktijk voelbaar wordt. Bij een paneel op beugels moet iemand die het dak op moet vaak tussen de rijen panelen doorlopen of eromheen, met beugels en bekabeling die in de weg kunnen liggen en waar je niet op mag staan. Bij solarfels is het hele dakvlak, cel of geen cel, dezelfde felsbaan met dezelfde belastbaarheid. Er is geen aparte loopzone nodig om de zonnecellen te ontzien, en er is geen constructie die extra kwetsbaar is voor een voet die er per ongeluk op terechtkomt. Dat maakt de afspraak met de schoolleiding eenvoudiger: het dak wordt op dezelfde manier benaderd en op dezelfde momenten betreden als een dak zonder zonnecellen, met dezelfde voorzichtigheid die voor elk schooldak geldt.
Wat dit niet oplost, is de vraag of er om andere redenen personen op het dak moeten zijn: schoorveger, installateur van de ventilatie, dakdekker voor een reparatie aan een doorvoer. Die afspraken maak je met de school los van de zonnecellen, en solarfels verandert daar niets aan, behalve dat er geen extra onderdeel bij komt dat apart ontzien moet worden.
Er zijn situaties waarin een schooldak met solarfels toch een keer schoongemaakt moet worden, en die zijn hetzelfde als bij een dak zonder zonnecellen. Bij een school naast een weiland of een boomgaard kan er meer stof en pollen neerslaan dan bij een school in een woonwijk. Bij een school met een platte aanbouw waar duiven op zitten, kan er poep tegen de onderkant van een dakrand aan komen die niet vanzelf wegspoelt. In die gevallen gaat het om een gerichte actie op een specifieke plek, niet om een periodieke beurt over het hele dakvlak.
Voor dat soort gevallen geldt dezelfde voorwaarde als voor elk ander onderhoud aan het dak: het gebeurt wanneer het gebouw leeg is, met de gebruikelijke voorzorg voor werken op hoogte, en zonder dat er iets speciaals nodig is voor de stroken met zonnecellen. Er is geen aparte reinigingsmiddel nodig, geen speciale borstel, geen risico dat je de cel beschadigt als je hem hetzelfde behandelt als de rest van het staal.
Hoeveel onderhoud een specifiek schooldak in de praktijk nodig heeft, hangt af van de omgeving: hoeveel bomen eroмheen staan, hoe de dakvlakken op elkaar aansluiten, waar de hemelwaterafvoeren liggen en hoe het gebouw wordt gebruikt buiten schooltijd. Dat rekenen en bekijken we per dakvlak, op basis van de tekening van het gebouw. Wie voor een schoolgebouw overweegt om het dak zelf te laten opwekken in plaats van er panelen op te leggen, kan die tekening aanleveren en we kijken kosteloos mee wat daarvoor nodig is.