Klikzink

Brandveiligheid bij een sporthal met solarfels

Zolang er licht op valt, staat een dak met geïntegreerde zonnecellen onder spanning. Dat geldt voor een paneel op beugels net zo goed als voor een felsbaan waar de cellen in het vlak zelf zitten. Het verschil zit niet in de vraag of er spanning staat, maar in waar die spanning loopt en hoe snel je hem eraf krijgt op het moment dat dat nodig is. Bij een sporthal met een groot overspannend dak zonder tussensteunpunten is dat een ander verhaal dan bij een rijtjeswoning, en dat is precies waar deze pagina over gaat.

Een sporthal heeft meestal één ononderbroken dakvlak van aanzienlijke omvang, gedragen door een spantconstructie zonder kolommen in het vlak zelf. Dat betekent dat een dakvlak van pak weg dertig bij vijftig meter in zijn geheel één opwekkend oppervlak kan zijn, zonder onderbrekingen door schoorstenen, dakkapellen of opgaande muren zoals bij een woonhuis. Voor de bekabeling en de omvormerkeuze is dat gunstig, maar voor de brandweer betekent het dat een groot deel van het dak niet zomaar in stukjes op te delen is die apart spanningsloos te maken zijn. Wie op het dak moet zijn, moet ervan uit kunnen gaan dat het hele vlak onder spanning kan staan tot het tegendeel is aangetoond.

Daarom werkt een installatie met een AC noodstop bij de omvormer en, afhankelijk van de omvang van het dakvlak, met DC schakelaars die de strings in groepen afsluiten. Bij de meterkast of het schakelstation zit een voorziening waarmee de brandweer of de bedrijfshulpverlening de installatie in één handeling uitschakelt. Dat schakelpunt hoort op een plek die je zonder het dak op te moeten bereiken kan, meestal bij de hoofdaansluiting of vlak bij de plek waar wij ook de kabeldoorvoer situeren, zoals wij uitleggen bij [de kabeldoorvoer bij een sporthal](/dakstroom/sporthal/kabeldoorvoer). Eén vaste, voorspelbare plek is belangrijker dan een indrukwekkend schema, want in een echte situatie zoekt niemand in een kast naar een tekening.

Wat na die noodstop overblijft, is een praktisch punt waar veel opdrachtgevers niet meteen aan denken. Het stuk kabel tussen de cel en de eerste schakelaar blijft, ook na uitschakelen, onder spanning zolang er licht op het dakvlak valt. Dat is inherent aan hoe zonnecellen werken, of ze nu op een beugel liggen of in het dakvlak zelf zitten, en het geldt voor elk merk en elk systeem. Het is de reden waarom de brandweer bij een gebouw met zonnestroom op het dak altijd rekening houdt met resterende spanning in het bovenste deel van de installatie, en waarom bluswater bij voorkeur van een afstand en niet rechtstreeks over het dakvlak wordt ingezet zolang dat vlak niet als spanningsvrij is aangemerkt. Dat is geen bijzonderheid van felsbanen met zonnecellen erin, het is een eigenschap van elk daksysteem dat zelf stroom maakt, en het hoort in elk bedrijfsnoodplan en elke instructie aan de bedrijfshulpverlening te staan, niet alleen in het technisch dossier van de installateur.

Op een sporthal komt daar een tweede omstandigheid bij die minder voor de hand ligt: het verbruik piekt juist 's avonds, wanneer de zon al onder is of laag staat. Trainingen, wedstrijden en verlichting vragen stroom precies op het moment dat het dak zelf weinig of niets meer opwekt. Dat heeft geen directe relatie met brandveiligheid, maar wel met hoe de installatie is opgezet: een dak dat overdag opwekt en 's avonds vooral verbruikt, wordt vaker aangesloten met teruglevering aan het net of met een vorm van opslag, en dat heeft weer gevolgen voor waar schakelpunten moeten zitten en hoeveel van het net op het dak zelf terug te vinden is op het moment dat de brandweer aankomt. Wij nemen dat gebruikspatroon mee in het schakelschema, zodat het niet alleen gaat om wat er overdag op het dak gebeurt, maar ook om wat er 's avonds, als de hal vol staat en het dak donker is, nog aan spanning resteert.

Voor het dakvlak zelf verandert er weinig aan de gangbare eisen voor brandklasse van dakbedekking. Een stalen felsbaan met de cellen in het vlak verwerkt is en blijft een stalen dak; er komt geen brandbare laag boven op het staal te liggen zoals bij een opgelegd paneel met een kunststof achterkant, en er zitten geen kabels los over het dakvlak die bij een dakbrand als extra belasting meetellen. De bekabeling loopt onder de banen door naar het verzamelpunt, zoals ook te lezen is bij hoe de stroom bij een sporthal naar binnen komt. Dat is voor de brandveiligheid gunstig in de zin dat er minder losse, kwetsbare onderdelen op het dakvlak liggen die bij hitte kunnen smelten of los kunnen komen, maar het is geen vervanging voor een correct uitgevoerd schakelschema. Het dakvlak is nooit het probleem; het schakelpunt en de instructie aan de mensen die er iets mee moeten doen, wel.

Wat wij op tekening met de opdrachtgever doornemen, is waar dat schakelpunt komt, hoeveel groepen er nodig zijn gezien de omvang van het dakvlak, en hoe dat aansluit op het bestaande brandveiligheidsplan van de sporthal. Bij een gebouw met publieksfunctie is dat plan er meestal al, en de installatie moet daar simpelweg in passen, niet andersom. Hoeveel schakelgroepen nodig zijn en waar de omvormer het handigst hangt, hangt af van de vorm van het dak en van hoe de hal wordt gebruikt; dat rekenen wij per project uit, niet in algemene termen op deze pagina. Wie wil weten hoe dat er voor een specifiek dakvlak uitziet, kan dat het beste voorleggen aan Klikzink, Boylestraat 22 in Ede, waar wij meedenken op basis van een tekening voordat er iets wordt vastgelegd.

KKlikzink
Pagina'sSolarfels: felsplaten met de zonnecellen erinDiensten voor solarfels: van tekening tot dakOver ons: waarom wij de cellen in de baan zettenContact over solarfels op uw dakvlakDetailsHoe het werktSpecificatiesOpbrengstVergelijkenProjectenBlogPrivacyverklaring solarfels.com
Contact
Adres
© Klikzink