Klikzink

Verduurzaming twee-onder-een-kapwoning: dak vervangen

Bij een twee-onder-een-kapwoning komt verduurzaming vrijwel altijd in stukjes. Eerst de kozijnen, omdat de tocht het meest opvalt. Dan de vloer, omdat een aannemer toch al onder het huis moet zijn voor iets anders. Het dak komt vaak als laatste, omdat het van buiten nog goed lijkt en niemand er 's winters kou van voelt zoals bij een raam. Precies die volgorde is het probleem als er ook zonnepanelen bij komen.

Een dak ga je niet twee keer open leggen. Als de isolatie na de kozijnen wordt aangepakt en het dak daarna, ligt er straks een nieuw dakvlak op een huis waar drie jaar eerder al panelen op de oude pannen zijn gelegd. Die panelen moeten er dan af, tijdelijk ergens staan, en weer terug, met alle kosten voor beugels en aansluitingen die dat met zich meebrengt. Bij een twee-onder-een-kapwoning speelt dat extra, omdat de ene helft misschien al klaar is met isoleren en de andere nog niet eens begonnen. Wie de volgorde omdraait, en het dak als eerste grote ingreep neemt in plaats van als laatste, kan de knip voor de zonnecellen in het dak zelf laten meelopen met de knip voor het isolatiepakket erachter. Dat is één opening in de kap, niet twee.

Waarom het dak niet het sluitstuk zou moeten zijn

Het dak is bij de meeste twee-onder-een-kapwoningen uit dezelfde bouwperiode als de rest van het huis, wat wil zeggen dat het aan de leeftijd van de kozijnen zit of ouder is. Een dakbedekking van pannen op panlatten gaat vaak veertig jaar of langer mee zonder dat er iets zichtbaar mis is, tot er een storm komt die net de zwakke plek vindt. Op dat moment is er geen tijd meer om rustig een volgorde te bepalen: het dak moet dicht, en de rest van het verduurzamingsplan wordt daar dan achteraf op geplakt, of niet.

Omgekeerd geldt: als het dak sowieso aan de beurt is, of als er nieuwbouw gepland staat, is dat het moment waarop dak en opwekking samen één post worden in plaats van twee. Een felsbaan met de zonnecellen erin verwerkt vervangt de bestaande dakbedekking; er komt geen tweede laag boven op een dak dat er al ligt. Wie toch al een dakdekker en een aannemer op het dak heeft voor de vervanging, betaalt in feite één keer voor het geheel. Wie een nieuw dak neemt en er los van staande panelen bovenop wil, betaalt voor het dak en daarna nog eens voor de constructie die de panelen erop houdt.

Het gebouw: één dakvlak, twee eigenaren

Een twee-onder-een-kapwoning heeft meestal één doorlopend dakvlak over de nok, met een bouwmuur ergens in het midden die op papier de grens is, maar die in het dakvlak vaak niet of nauwelijks te zien is. Dat geeft een vraag die bij een vrijstaand huis niet bestaat: wie vervangt wat, en waar loopt de scheiding in het dak zelf?

In de praktijk zijn er twee routes. De eerste is dat beide buren tegelijk verduurzamen en het hele dakvlak in één opdracht laten vervangen, inclusief de zonnecellen. Dat is bouwkundig het eenvoudigst: de banen lopen door van de ene naar de andere kant van de nok, de kleur en de lijn zijn overal gelijk, en er is geen zichtbare naad tussen "mijn stuk" en "hun stuk". De afrekening tussen de twee huishoudens is dan een zaak van de eigenaren onderling, niet van het dak.

De tweede route is dat één huishouden wel toe is aan vervanging en de buren nog niet. Dan wordt het dakvlak op de bouwmuur in tweeën gedeeld, en loopt de nieuwe felsbaan met de cellen alleen over het eigen deel. Dat kan, en het resultaat is nog steeds een strak vlak zolang de kleur van de nieuwe banen overeenkomt met wat er blijft liggen. Maar het levert wel een zichtbare overgang op ter hoogte van de erfgrens, en het is aan te raden om dat vooraf te bespreken met de buren, al is het maar om te voorkomen dat de een een grijze kleurstelling neemt en de ander de matte donkere uitvoering met cellen erin. Bij een dak dat één geheel vormt, valt zo'n verschil sneller op dan bij twee losse daken naast elkaar.

Wat de opdrachtgever hier concreet moet uitzoeken, is niet de techniek van de cellen zelf, dat staat elders op deze site beschreven, maar de afspraak over wie wat betaalt en wanneer. Een aannemer die voor één huishouden aan de slag gaat, kan prima een deel van het dakvlak doen, maar de tekening moet dan kloppen op de plek waar de twee delen samenkomen.

Opnieuw isoleren of eindelijk goed isoleren

Bij een twee-onder-een-kapwoning uit de jaren zestig of zeventig ligt er vaak een dun pak isolatie tussen de dakspanten dat destijds aan de norm voldeed en dat nu niet meer voldoet aan wat gebruikelijk is. Wie het dak vervangt, isoleert bij die gelegenheid het liefst meteen goed door, met dikkere platen tussen of op de spanten. Dat werk gebeurt onder de nieuwe dakbedekking, dus het moment waarop de felsbaan met de cellen erop komt te liggen, is ook het moment waarop de isolatielaag zijn definitieve vorm krijgt. Andersom werkt het niet: isolatie achteraf tussen een dak dat al dicht is, betekent dat de dakbedekking er weer af moet.

Ook de kozijnen horen in die planning, al raken ze het dak niet rechtstreeks. De volgorde die in de praktijk het beste werkt, is: eerst de schil dicht en isoleren waar dat kan zonder het dak open te leggen, dan het dak als één ingreep met isolatie en opwekking samen, en de kozijnen waar dat qua planning van de aannemer past. Wie het dak juist als laatste bewaart omdat het van buiten nog oké lijkt, loopt het risico dat de opwekking er als aparte, latere post bovenop komt, met een tweede factuur voor beugels en doorvoeren die niet nodig was geweest als de volgorde anders was gelopen.

Wanneer wachten beter is

Dit loont vrijwel alleen als het dak toch aan de beurt is, of bij nieuwbouw. Een dak dat er nog twintig jaar goed bij ligt, vervang je niet vroeg om de zonnecellen erin te krijgen; dat is duurder per wattpiek dan een set panelen op beugels op het bestaande dak, en die meerprijs wordt niet terugverdiend door alleen maar de opwekking. Voor een twee-onder-een-kapwoning waar één helft aan vervanging toe is en de andere niet, kan het verstandig zijn om dat moment af te wachten tot ook de andere helft aan de beurt is, zeker als beide huishoudens toch al met elkaar in gesprek zijn over de staat van het dak. Een dak in delen vervangen is mogelijk, zoals hierboven beschreven, maar één keer voor het hele vlak is eenvoudiger en vaak ook voordeliger per vierkante meter, omdat de aannemer dan in één keer opbouwt in plaats van twee keer.

De rekensom hangt af van de uitvoering, de oppervlakte van het dakvlak en de staat van de bestaande dakbedekking, en dat is precies waarom we geen vaste bedragen op deze pagina zetten. Wat wel vaststaat, is dat de vraag wanneer te beginnen, en met welk deel van het dak, het beste gesteld wordt voordat de steiger staat. Een tekening van het bestaande dakvlak, met de erfgrens erop aangegeven, is genoeg om te laten zien hoe de banen zouden lopen en waar eventueel een knip nodig is tussen de twee woningen.

KKlikzink
Pagina'sSolarfels: felsplaten met de zonnecellen erinDiensten voor solarfels: van tekening tot dakOver ons: waarom wij de cellen in de baan zettenContact over solarfels op uw dakvlakDetailsHoe het werktSpecificatiesOpbrengstVergelijkenProjectenBlogPrivacyverklaring solarfels.com
Contact
Adres
© Klikzink