Klikzink
Een schoolgebouw wordt vaak in fasen aangepakt. Er is een hoofdgebouw dat nu op de planning staat, en er is een gymzaal, een fietsenstalling of een nieuwe vleugel die er over een paar jaar misschien bijkomt. Bij een felsdak met geïntegreerde zonnecellen is de vraag dan niet alleen of het dak nu genoeg oplevert, maar of het ontwerp van vandaag een uitbreiding van morgen niet in de weg zit.
Een dakvlak leg je in één keer. De banen worden op maat gewalst en van beugel tot beugel op de gording gelegd, dus een vlak dat je nu dekt met cellen erin, ligt er als één samenhangend geheel. Je kunt niet volgend jaar even een paar extra banen met cellen tussen de bestaande banen schuiven. Wat wel kan, is dat je nu al rekening houdt met een tweede fase, op twee manieren.
De eerste manier is een tweede dakvlak. Heeft de school straks een nieuwe vleugel of een los gebouwd gymlokaal, dan is dat een nieuw dakvlak met een eigen bekabeling en een eigen aansluiting op de meterkast of een eigen omvormer. Dat vlak staat los van het bestaande dak. Je hoeft het bestaande dak er niet voor open te maken. Wel is het handig om bij de eerste aanleg al te weten of die tweede fase er komt, zodat de leidingroute en de plek voor een extra omvormer of een uitbreiding van de bestaande omvormer al in de bouwtekening staan. Dat scheelt breekwerk later.
De tweede manier is uitbreiden binnen één dakvlak dat je nu al zo aanlegt. Een dakvlak hoeft niet voor honderd procent uit banen met cellen te bestaan. Je kunt er nu voor kiezen om een deel van het vlak te dekken met gewone banen zonder cellen, in dezelfde kleur en op dezelfde lijn, en die banen later te vervangen door banen met cellen. Dat werkt bij een school vooral goed als het budget nu beperkt is maar het dak wel meteen goed moet liggen. Je legt het hele dak in één werkgang, wacht met de opwekking op een later moment, en breidt dan uit door een deel van de bestaande banen te vervangen. Er komt geen nieuwe laag boven het dak, want de vervangen banen liggen even vlak als de rest.
Bij een school is het verbruik overdag hoog: verlichting, ventilatie, keukenapparatuur in de pauze, computers in de klas. Dat past bij opwekking op het dak, die ook overdag piekt. Waar het bij schoolgebouwen wringt, is de zomervakantie. Precies in de maanden dat de zon het langst en het hoogst staat, staat een school vaak grotendeels leeg. Geen klassen, geen keuken, minimale ventilatie. De opwekking loopt door, het verbruik valt weg.
Dat is geen reden om er geen zonnecellen in het dak te leggen, maar het is wel een reden om bij de dimensionering verder te kijken dan het dakvlak alleen. Hoeveel van het vlak je vult met cellen, hangt af van wat er met het teruggeleverde vermogen gebeurt: teruglevering aan het net, een aansluiting op een buurpand dat wel doorloopt in de zomer, of een gedeeltelijke vulling van het dak zodat de opwekking dichter bij het eigen verbruik blijft. Dat reken je uit op de tekening van het specifieke gebouw, met het verbruiksprofiel van die school ernaast. Wat daar precies uitkomt qua omvang van het dakvlak, verschilt per school en per uitvoering; wij rekenen dat door voordat er iets wordt vastgelegd.
Bij scholen ligt er vaak een gymzaal, een fietsenstalling of een laag bijgebouw waar tijdens de pauze of na school kinderen onder of naast staan. Dat betekent dat onderhoud aan het dak zelf, en zeker een latere uitbreiding, niet zomaar even tussen de bedrijvigheid door kan. Wie loopt, klimt of iets neerlegt op een dak boven een ruimte waar kinderen komen, moet dat doen op een moment dat daar niemand is, met afzetting eronder en met iemand die het terrein vrijhoudt.
Dat is geen probleem van het felsdak zelf, maar het is wel iets om in de planning van een uitbreiding mee te nemen. Vervang je later een deel van de banen zonder cellen door banen met cellen, dan gebeurt dat het liefst in een vakantieperiode of in het weekend, met het gebouw leeg en het terrein afgezet. Bij een tweede dakvlak op een nieuwe vleugel speelt dit meestal niet, omdat dat vlak op een aparte bouwplaats wordt aangelegd voordat het gebouw in gebruik is.
Wil een school nu een dak laten aanleggen met de mogelijkheid om later uit te breiden, dan zijn er twee dingen die je vooraf vastlegt. Het eerste is de keuze tussen een dakvlak dat nu al helemaal gevuld is met cellen, of een dakvlak dat nu deels gevuld is en later wordt aangevuld. Het tweede is de leidingroute: waar de kabels van het dakvlak naar binnen gaan, en of daar ruimte is voor een tweede aansluiting als er later een tweede vlak of een uitgebreid eerste vlak bijkomt. Die route leg je vast op de bouwtekening, ook als de uitbreiding zelf nog niet gepland is.
Voor een school die nu een gymzaal bouwt en over vijf jaar misschien een nieuwe vleugel erbij krijgt, betekent dit meestal dat het gymzaaldak nu volledig wordt uitgevoerd, en dat de nieuwe vleugel bij de bouw daarvan een eigen dakvlak krijgt met een eigen aansluiting. Voor een school die nu één groot dakvlak legt maar het budget wil spreiden, betekent het dat een deel van de banen nu al zonder cellen wordt gelegd, in hetzelfde vlak en op dezelfde lijn, klaar om vervangen te worden zodra daar geld voor is.
Wat niet klopt, is de gedachte dat je een dak met geïntegreerde cellen kunt aanvullen zoals je bij paneel op beugels een paar extra panelen bijzet. Bij panelen op een bestaand dak schuif je een rij erbij op de bestaande dakbedekking. Bij een felsdak met cellen erin is het dakvlak zelf de constructie: banen vervangen kan, banen tussenvoegen niet. Wie dat verwart, komt er bij de uitbreiding achter dat het niet werkt zoals gedacht, en dat is nu juist te voorkomen door de keuze voor gefaseerd vullen of een los tweede vlak vooraf te maken.
Wat we hierin niet doen, is een schatting geven van wat een uitbreiding oplevert of wat ze kost per vierkante meter. Dat verschilt te veel per school, per dakvlak en per fase om er hier iets over te zeggen zonder het te verzinnen. Wat we wel doen, is op tekening meekijken naar het gebouw zoals het nu gepland is en naar de fase die er misschien bij komt, en dan aangeven welke van de twee routes, een tweede vlak of gefaseerd vullen, bij die school past. Dat meedenken op tekening kost niets, en het is de plek waar deze vraag per gebouw wordt beantwoord in plaats van in algemene termen.