Klikzink

Aansluiting meterkast boerderij op solarfels

Een boerderij heeft vaak een aansluiting die is aangelegd voor wonen en wat schuurverlichting, niet voor het terugleveren van stroom. De meterkast zit meestal in de woning of in een aangebouwde stal, op flinke afstand van de dakvlakken die je wilt benutten. Dat is bij een boerderij anders dan bij een rijtjeshuis of een nieuwbouwloods: de kabelwegen zijn lang, de bestaande groepenkast is oud, en niemand heeft ooit rekening gehouden met een dak dat zelf vermogen levert.

Wat er in de meterkast bij moet, hangt af van wat er al hangt. Bij veel boerderijen is de hoofdaansluiting nog 3x25 ampère, soms zelfs minder, met een oude groepenkast zonder ruimte voor extra aardlekschakelaars. Zodra het dakvlak stroom gaat leveren, komt er een aansluiting bij die niet alleen verbruikt maar ook teruglevert. Dat vraagt een eigen groep met een geschikte aardlekschakelaar, kabels die het vermogen van de opwekking kunnen verwerken, en in de meeste gevallen een omvormer die ergens tussen dak en meterkast moet worden weggewerkt. Waar die omvormer precies komt te hangen, verschilt van boerderij tot boerderij en is voor deze pagina niet het onderwerp; het gaat hier om wat er aan de kant van de meterkast zelf verandert.

Of de bestaande aansluiting het aankan, is de eerste vraag die je moet beantwoorden voordat er één plaat op het dak ligt. Een aansluiting van 3x25 ampère is aan de lage kant voor een dakvlak van enige omvang. Grote aaneengesloten dakvlakken, zoals je op een boerderij vaak ziet op de kapschuur of de ligboxenstal, kunnen in potentie veel vermogen leveren. Als de aansluiting daar niet op is gebouwd, moet je kiezen: minder dakoppervlak benutten, de aansluiting laten verzwaren door de netbeheerder, of het vermogen begrenzen zodat het binnen de bestaande capaciteit blijft. Geen van die keuzes is fout, maar je moet ze bewust maken en niet pas ontdekken als de meterkast al dichtgeschroefd is.

Een zwaardere aansluiting is niet iets wat je er even bij regelt. De netbeheerder moet een grotere aansluitwaarde toekennen, wat afhankelijk van de wachtlijst in de regio weken tot maanden kan duren. Bij een boerderij komt daar vaak bij dat de kabel vanaf de erfgrens tot de meterkast al jaren in de grond ligt en niet zomaar het vermogen van een zwaardere aansluiting aankan. Dan moet er een nieuwe kabel worden getrokken, over een afstand die bij een boerderij makkelijk enkele tientallen meters kan zijn omdat de meterkast niet naast de schuur staat maar aan de andere kant van het erf. Dat is een heel ander traject dan bij een rijtjeshuis waar de meterkast op een paar meter van de voordeur zit.

De oude constructie onder het dak speelt hierbij een rol die je niet over het hoofd mag zien. Veel boerderijschuren hebben een houten spantconstructie die ooit is gebouwd voor een dakbedekking zonder enige technische installatie erop of erin. Dat raakt niet direct de meterkast, maar het raakt wel de vraag hoeveel dakvlak je uiteindelijk kunt benutten en dus hoeveel vermogen er straks door die meterkast moet. Een aannemer die alleen naar de meterkast kijkt en niet naar de constructie erboven, mist de helft van het verhaal. Bij een dak dat toch al vervangen wordt, zoals vaak het geval is bij oudere boerderijschuren met asbesthoudende platen, is dit het moment om beide vragen in één keer te beantwoorden: kan het dak het vermogen dragen, en kan de meterkast het vermogen ontvangen.

Waar dit anders ligt dan bij panelen die op een bestaand dak worden gelegd, zit vooral in de planning en niet in de techniek van de meterkast zelf. Bij paneelmontage op een bestaande schuur is de meterkastaanpassing vaak een aparte klus die je pas regelt als de panelen al liggen: eerst het dak op, dan de knoop doorhakken over de aansluiting. Bij een felsdak met geïntegreerde cellen ligt dat om praktische redenen anders. De dakbedekker en de elektricien werken feitelijk aan hetzelfde bouwdeel, want de stroom komt uit de felsbaan zelf. Dat betekent dat de vraag over de meterkast idealiter al beantwoord is voordat de eerste baan wordt gelegd, niet erna. Bij een boerderij waar toch een nieuw dak komt, is dat winst: je voorkomt dat er later een sleuf door het erf moet om een dikkere kabel te leggen terwijl het dak al klaar is.

In de praktijk zien we bij boerderijen regelmatig dat de bestaande meterkast eenvoudig te klein is, niet omdat de techniek te zwaar is, maar omdat er letterlijk geen ruimte meer is voor een extra groep of een grotere aardlekschakelaar. Dan is uitbreiding met een aanvullende verdeler naast de bestaande kast vaak de oplossing, wat bouwkundig weinig voorstelt maar wel vooraf moet worden meegenomen in de planning, zeker als de meterkast in een monumentale of beeldbepalende ruimte hangt waar je niet zomaar een tweede kastje ophangt.

Wat je hieruit meeneemt als opdrachtgever of aannemer is vooral dit: laat de capaciteit van de aansluiting en de staat van de meterkast checken voordat er een dakvlak wordt ontworpen met geïntegreerde opwekking, niet erna. Bij nieuwbouw of een compleet nieuw dak op een boerderij is dat meestal geen probleem, want dan wordt de aansluiting vaak toch al opnieuw aangevraagd. Bij een bestaand dak dat vervangen wordt terwijl de rest van de boerderij intact blijft, is dit precies het punt waar je tijdig een elektricien en de netbeheerder bij moet betrekken. Wij rekenen dat niet uit; wij leveren de felsbanen. Maar we denken wel mee over hoeveel vermogen een dakvlak in potentie oplevert, zodat u met die informatie naar uw installateur kunt.

KKlikzink
Pagina'sSolarfels: felsplaten met de zonnecellen erinDiensten voor solarfels: van tekening tot dakOver ons: waarom wij de cellen in de baan zettenContact over solarfels op uw dakvlakDetailsHoe het werktSpecificatiesOpbrengstVergelijkenProjectenBlogPrivacyverklaring solarfels.com
Contact
Adres
© Klikzink