Klikzink

Solar felsdak eraf halen op een lessenaarsdak

Een lessenaarsdak heeft één vlak, één richting en geen nok. Dat is voor een dakdekker een prettig uitgangspunt, ook los van de zonnecellen. Er is geen aansluiting boven, geen tegenoverliggend vlak waar de banen tegen elkaar aan komen, geen hoek waar water twee kanten op moet. De banen lopen van goot tot bovenkant in één beweging, en dat geldt bij montage net zo goed als bij demontage.

Bij een zadeldak of een schilddak zit een deel van het werk in de aansluitingen: de nok, de hoeken, de plekken waar meerdere vlakken samenkomen en waar de bekabeling soms via een sluiproute naar binnen moet. Op een lessenaarsdak is dat overzicht er niet, simpelweg omdat het er niet is. Eén vlak betekent één set aansluitingen aan de randen, en verder alleen de lange kant van de baan zelf. Dat maakt het uitzoeken van wat los moet relatief overzichtelijk, ook over dertig jaar, ook voor iemand die het gebouw dan niet meer kent.

Waarom lange, doorlopende banen prettig zijn bij demontage

Op een lessenaarsdak lopen de banen typisch in één lengte door, van de laagste naar de hoogste kant. Geen onderbreking bij een nok, geen aansluitstuk halverwege. Dat is bij de montage al een voordeel, en het blijft een voordeel bij het verwijderen: een baan die er in één stuk op is gekomen, komt er in de regel ook in één stuk weer af. Er zijn geen extra naden waar een sloper eerst moet uitzoeken of het om een baan met cellen gaat of om een blinde baan, of waar twee dakvlakken in een andere hoek op elkaar aansluiten.

Dat overzicht is niet hetzelfde als een garantie dat het probleemloos gaat. Bij montage wordt vastgelegd welke baan waar ligt en welke bekabeling waar naar binnen gaat, zoals ook beschreven bij de manier waarop de stroom bij een gewoon woonhuis naar binnen komt. Diezelfde informatie is nodig bij het verwijderen, en de kwaliteit van die informatie hangt niet af van de dakvorm maar van hoe goed dat destijds is vastgelegd en hoe goed dat over dertig jaar nog te vinden is. Een simpel dakvlak maakt de vraag makkelijker te beantwoorden, maar het antwoord moet nog steeds ergens liggen.

Wat er nog niet vastligt

Hier moeten we eerlijk zijn over de stand van zaken. Er is geen dertig jaar praktijkervaring met het verwijderen van dit soort daken, simpelweg omdat het product daar nog niet oud genoeg voor is. Wat we nu kunnen zeggen is gebaseerd op hoe het dak is opgebouwd en hoe vergelijkbare stalen felsdaken zonder cellen worden gedemonteerd, niet op een dak dat het proces daadwerkelijk heeft doorstaan.

Het staal van de baan zelf, de coating en de klemverbinding zijn bekende materialen met een bekend demontageproces: de klemmen onder de fels loslaten, de baan optillen, klaar. Wat nog niet in een vast protocol staat, is de exacte manier waarop de cellen en de bekabeling in die baan na drie decennia weer gescheiden worden van het staal eronder, en welk deel daarvan als apart materiaal wordt afgevoerd. Dat is geen verborgen probleem dat we liever niet noemen, het is een vraag die pas met zekerheid te beantwoorden is als de eerste daken die leeftijd bereiken. Wij zeggen dat liever nu, dan dat we later iets beloven wat we niet kunnen onderbouwen.

Waar de eenvoud van het vlak wel meteen iets oplevert, is bij de voorbereiding van dat moment. Op een lessenaarsdak is precies te zien welke banen cellen hebben en welke niet, gewoon door op het dakvlak te kijken. Er is geen vlak aan de achterkant dat je moet nalopen omdat je het vanaf de grond niet ziet. Dat scheelt tijd bij het maken van een sloopplan, en het scheelt discussie over wat waar ligt.

Wanneer de helling het antwoord verandert

Eén vlak en één richting is niet automatisch hetzelfde als een eenvoudige helling. Een lessenaarsdak kan steil zijn of bijna vlak, en dat maakt voor het verwijderen meer verschil dan de afwezigheid van een nok. Bij een flauwe helling verandert de manier van werken op het dak, zoals we ook beschrijven bij de aanpak van een flauwe helling in het algemeen: minder grip, andere looppaden, soms andere steigers of vanglijnen. Dat geldt bij het aanbrengen en het geldt bij het verwijderen. De vorm van het dak, één rechte lijn zonder nok, blijft dan wel gunstig, maar de helling bepaalt de logistiek eromheen.

Een ander punt waar de ligging het antwoord kan omdraaien, is de lengte van het vlak. Een lessenaarsdak van een garage of een aanbouw heeft vaak korte banen, terwijl een lessenaarsdak van een groter bedrijfsgebouw soms doorlopen over een lengte die de gebruikelijke transportmaten benadert. Bij zulke lange banen wordt het gewicht per baan een factor die meespeelt in de planning van het verwijderen, en dat is iets waarnaar we op tekening kijken, niet iets dat generiek voor elk lessenaarsdak hetzelfde uitpakt.

Wat dit betekent voor nu

Voor een opdrachtgever die nu een lessenaarsdak overweegt, is het eerlijke antwoord dat de vorm van dit dak het toekomstige verwijderen niet moeilijker maakt dan bij andere dakvormen, en op onderdelen makkelijker: geen nokaansluiting, geen tegenoverliggend vlak, een overzichtelijke set banen die in de regel in hun volle lengte zijn gelegd. Wat er nog niet ligt is een sluitend protocol voor het scheiden van cel en drager na dertig jaar gebruik, en dat is bij elk dak met geïntegreerde opwekking zo, ongeacht de vorm van het vlak.

Wat we wel per dakvlak vastleggen is welke baan waar ligt, hoe de bekabeling loopt en welke onderdelen bij vervanging of verwijdering apart komen. Dat leggen we vast op tekening bij de levering, zodat de informatie er is wanneer iemand haar nodig heeft, ook als dat niet dezelfde partij is die het dak nu laat leggen.

KKlikzink
Pagina'sSolarfels: felsplaten met de zonnecellen erinDiensten voor solarfels: van tekening tot dakOver ons: waarom wij de cellen in de baan zettenContact over solarfels op uw dakvlakDetailsHoe het werktSpecificatiesOpbrengstVergelijkenProjectenBlogPrivacyverklaring solarfels.com
Contact
Adres
© Klikzink