Klikzink
Een oost-westdak heeft geen enkel vlak dat de hele dag meedoet. Het ene dakvlak levert 's ochtends, het andere 's avonds, en samen geven ze een lager dagtotaal dan een zuidvlak maar een spreiding die vaak beter aansluit bij hoe een huishouden stroom gebruikt. Voor de vraag wat er over dertig jaar met dat dak gebeurt, is dat een ander uitgangspunt dan bij een dak met één dominant vlak. Er zijn hier namelijk twee dakvlakken die op enig moment allebei los moeten, en ze zijn op hetzelfde moment aangelegd maar hoeven niet op hetzelfde moment te slijten.
De felsbaan zelf is bij oost en west niet anders dan bij een ander dakvlak. Het is Sendzimir verzinkt staal met een matte coating, blind bevestigd onder de fels, zonder schroef of beugel door het dakvlak. Dat maakt lostrekken op zichzelf een kwestie van kliksystemen ontgrendelen, banen optillen en het dakbeschot vrij laten liggen. Bij het aansluiten op de nok, zoals wij uitleggen bij [zadeldak: hoe je het dak later weer eraf haalt](/dakstroom/later-eraf/zadeldak), is dat op een oost-westdak niet anders: ook hier komen de twee vlakken samen in een nok, en die overgang moet los voordat je een van de vlakken volledig kunt afvoeren.
Waar oost-west wel iets toevoegt, is de vraag of je de twee vlakken samen demonteert of apart. Praktisch gezien zullen aannemers dat meestal in één werkgang doen, gewoon omdat de steiger er toch staat en de knip in het werk niet loont. Maar in theorie kan het ene vlak, zeg het westvlak dat de middagzon en de avondzon te verduren krijgt, harder verweren dan het oostvlak dat vooral de mildere ochtendzon vangt. Of dat verschil in de praktijk groot genoeg wordt om ooit één vlak eerder te vervangen dan het andere, ligt nu niet vast. Er is simpelweg nog geen dak van deze opzet dat de volle levensduur heeft gehaald, en de coating en de cellen zijn niet zo lang in gebruik dat we kunnen zeggen hoe oost zich houdt ten opzichte van west na twintig of dertig jaar.
Hoe het scheiden er straks uitziet is bekend, ook zonder dat we weten hoe laat het moment precies komt. De felsbaan is een dunne laag staal met de zonlaag daarin verwerkt, geen los paneel op een frame. Dat betekent dat er bij demontage geen aparte handeling is voor het paneel en een andere voor het dak: je haalt de baan eraf en daarmee komt in één stap het stalen dakvlak en de opwekking los. Vergelijk dat met een systeem waarbij panelen op beugels boven een bestaand dak liggen, zoals we beschrijven bij [demontage vergeleken met panelen op beugels](/dakstroom/later-eraf/tegenover-panelen-op-beugels): daar haal je eerst de panelen eraf, dan de beugels en de doorvoeren, en dan pas kun je het onderliggende dak beoordelen. Bij oost-west is dat verschil niet groter of kleiner dan bij een zuiddak, maar het telt hier dubbel omdat er twee vlakken zijn die allebei die stap overslaan.
Wat nog niet vastligt is de scheiding tussen materialen aan het einde van de levensduur. Een felsbaan met cellen erin is een samengesteld product: staal, coating, celmateriaal, bekabeling. Hoe dat over dertig jaar wordt gescheiden voor recycling, in welke fracties en met welk rendement, is een vraag die de sector nu nog niet met een concreet antwoord kan beantwoorden. Er zijn wel routes voor het scheiden van staal en voor het verwerken van zonnecellen apart, maar een gecombineerd product als dit heeft nog geen bewezen verwerkingsketen. Wij zeggen dat liever zo, dan dat we een percentage of een proces verzinnen dat er nu simpelweg niet is.
Bekabeling is bij twee vlakken een praktisch punt om vooraf goed te regelen, niet om dat aan het einde uit te vinden. Oost en west lopen vaak samen naar één omvormer, wat betekent dat de kabels van beide vlakken elkaar ontmoeten voordat ze naar binnen gaan. Bij een goed ontworpen dak liggen die tracés zo dat je het ene vlak kunt losmaken zonder het andere aan te raken, met aansluitpunten die apart bereikbaar zijn. Is dat niet zo uitgedacht bij de bouw, dan kan een latere renovatie van alleen het westvlak, bijvoorbeeld na stormschade, betekenen dat je ook aan het oostvlak moet raken om bij de bekabeling te komen. Dat is precies het soort detail dat wij op tekening bekijken voordat een dak wordt aangelegd, niet iets wat je achteraf oplost.
Er is ook een moment waarop de ligging het antwoord omdraait. Als het oost-westdak in werkelijkheid weinig helling heeft, wat bij oost-west vaker voorkomt dan bij een strak zuiddak omdat de vorm vaak samengaat met een lessenaarsvorm of een flauw zadeldak, dan gaat de vraag over demontage niet meer over oost tegenover west maar over de helling zelf. Bij een flauwe helling verandert het aanlooppad voor materiaal en het werken op het dak, zoals we uitleggen bij [solar felsbaan verwijderen bij flauwe helling](/dakstroom/later-eraf/flauwe-helling), en dat weegt dan zwaarder dan de vraag of je op oost of op west staat.
Een ander moment waarop de ligging het antwoord verandert is wanneer een van de twee vlakken vroeg beschadigd raakt, bijvoorbeeld door een boom die overhangt aan de westzijde en tijdens een storm een tak op het dak laat vallen. Dan is de vraag niet meer hoe je over dertig jaar het hele dak eraf haalt, maar hoe je nu één baan uit een vlak vervangt zonder de rest aan te raken. Dat is een andere reparatie dan totale demontage, maar het raakt aan dezelfde eigenschap: omdat elke baan los bevestigd is onder de fels, is één beschadigde baan te vervangen zonder de buren ernaast los te trekken. Bij oost-west is dat winst omdat er nu eenmaal twee keer zoveel randen zijn waar takken, dakgoten of aansluitingen invloed kunnen hebben.
Wat we niet doen is een jaartal noemen waarop dit dak eraf moet, of een percentage voor hergebruik. Dat verschilt per uitvoering, per onderhoudsstaat en per de vraag of er ooit een dakkapel of een dakraam bijkomt die het vlak doorbreekt. Wat we wel kunnen zeggen is dat de opzet van dit dak, blinde bevestiging en geen doorboringen, ervoor zorgt dat de vraag over dertig jaar een vraag over loskoppelen wordt en niet over uitboren. Wilt u weten hoe dat voor uw dakvlak concreet uitpakt, dan rekenen wij dat door op tekening.